woensdag 23 januari 2019

Verslag van de 1e Winterbosloop in Beek

De start op het nieuwe parcours in Beek
Jorik Huizinga zet triatleet Hilferink op achterstand in tien kilometer 1e editie Beekse winterloop

Door Benno Stevering

Wethouder en verbinder Jorik Huizinga uit Doetinchem voelt zich sterk betrokken met de Beekse bosloop. Al meerdere malen stond hij hier op het podium. Behoudend gelopen, stond hij ook zondagochtend zijn eerste plaats niet meer af en won in 39.50 minuten.  Zichtbaar genietend van de natuur van het fraaie Montferland: ‘’Dit is een erg mooi parcours. Na het vals plat omhoog kon ik goed herstellen en hield mijn ademhaling controleerbaar. Hardlopen is een mooie uitlaatklep en ideaal te combineren met de politiek. Ik ga voor de gehele Beekse competitie.’’  Triatleet Bernard Hilferink uit Zelhem gaf aan dit seizoen zich niet volledig te wijden aan triatlons. Hilferink werd tweede in 41.31 minuten. De 83 jarige Tonnie Schiphorst uit Beek had goed reclame gemaakt voor de organiserende Stichting Omloop Beek in Duitsland. Dit uitte zich in een derde plek voor Friedhelm Betting uit Bocholt. Bij de vrouwen zegevierde Annelies van Smaalen uit Laag-Keppel in 47.24 minuten. Zij achterhaalde koploopster Bianca Rougoor uit Breedenbroek, onlangs nog derde bij de survival Beltrum. 

Evan Oosterink uit Zelhem regeerde op de vijf kilometer en won in 17.54 minuten. Onder trainer Stefan Scanu die al meerdere talenten voortbracht binnen het Argo topteam, pakte Oosterink de afgelopen twee jaar al meerdere overwinningen. ‘’Het ging erg lekker. De vorm is goed en ik ben gefocust op een goede klassering in het Beekse eindklassement.‘’ Veteraan Frank Reintjes uit Oud-Zevenaar van de Liemers werd tweede. Na 500 meter kopwerk was het Oosterink die Reintjes passeerde en alleen doortrok. Reintjes volgde op gepaste afstand en richt zich op het NK indoor. Snelste dame Argonaute Femke Koning  uit Doetinchem kiest haar wedstrijden selectief samen met trainer Joeri Voltman en won in 22.55 minuten. 

Jorbn Kraan uit Gendringen won de twee kilometer met een tijd van 7.25 minuten. Luca Greven uit Doetinchem hield het verschil beperkt en realiseerde de tweede tijd in 7.34 minuten. Coen van der Veen van Atletico legde beslag op de derde plek in 7.54. Rese Vreman uit Doetinchem was het beste meisje met 8.38 minuten. Eva Willemsen uit Zeddam bezette de tweede plek in 8.45. Met 3.56 minuten was het Wes Venus uit Ulft die de 1000 meter won in 3.58 minuten. De atleet uit Duiven, Jule Versluis kwam 1 tel later over de finish. Isis Neijland uit Terborg kwam over de eindstreep als eerste meisje in 4.06 minuten. 

Met 118 deelnemers op de vijf kilometer en 61 op de tien kilometer kon de organiserende Stichting Omloop Beek terugkijken op een goed verloop van de eerste van drie edities in het kader van de winterbosloopcompetitie. Voorzitter Jan Leuverink van de Stichting Omloop Beek loste het startschot van iedere loop. Hij was erg blij met de vele lovende reacties van de deelnemers. Samenvattend waren er geen supertijden, maar wel volop lovende woorden voor het nieuwe parcours en de snelle tijdregistratie.

Foto's en uitslagen van de 28e Leemkuilcross in Berg en Dal

Uitnodiging voor een duurloop met Schorre Piet

Flyer van de 5e Smokkelloop
Op vrijdagavond 25 januari 2019 organiseren Andre Balke en Peter Baten voor de vijfde keer een “Smokkelloop”. Deze loop gaat over unieke Kommiezenpaden op de grens van Nederland en Duitsland, tussen Aalten en Bocholt. Schorre Piet, smokkelaar van het eerste uur, zal ons begeleiden en met de duisternis zal een hoofdlampje geen overbodige luxe zijn.

Smokkelen is eigenlijk iets uit het verre verleden maar met deze route krijg je de kans om weer eens wat dingetjes uit die goede oude tijd op ge doen. Bij terugkomst van deze ruige, avontuurlijke en sensationele loop, kan er onder het genot van een drankje gezellig worden nagepraat en mag je vertellen hoe je de smokkelloop hebt ervaren.

De Smokkelloop gaat onder alle weersomstandigheden door. We verwachten iedereen rond 19.15 uur bij de familie Balke op 't Slaa 75 in Aalten. Om 19:30 uur begint de donkere en duistere duurloop van ongeveer 13 kilometer in een tempo van ongeveer 6 minuten per kilometer. De gehele avond is voor eigen risico. Wil je graag meelopen geef je dan even op. 

Deelnemers: 1.Andre Balke, 2.Peter Baten, 3.Geert Wevers, 4.Henrie Drenthel, 5.Ingrid van Zolingen (fiets), 6.Angelique Vrijdag, 7.Eric Hoogerbrug, 8.Walter Vaags, 9.Paula Verwaaijen
 

dinsdag 22 januari 2019

Acht podiumplaatsen Archeus in Twentse Cross Competitie

Het Archeusteam dat acht medailles ophaalde in de Twentse Cross Competitie
WINTERSWIJK/OLDENZAAL – Atletiekvereniging Archeus heeft de Twentse Cross Competitie afgesloten met acht podiumplaatsen in het eindklassement. Zondag was rondom het Hulsbeek in Oldenzaal de laatste cross. Maren de Koning won voor de vijfde keer een wedstrijd in de TCC en zegevierde in de Hulsbeekcross bij de meisjes B met ruime voorsprong. In het eindklassement werd ze superior eerste in haar leeftijdscategorie. Bartjan Pietersen won ook het eindklassement. Hij werd op de afsluitende cross tweede bij de pupillen C, maar had na drie overwinningen al een onoverbrugbare voorsprong. Bij de meisjes D behaalde Nadia de Jong een keurige tweede plaats in de laatste wedstrijd en werd ook tweede in het eindklassement. In dezelfde race werd zus Saskia zesde, Emma de Koning zevende en Dani Hiddink achtste. Bij de meisjes A legde Daphne de Koning in de Hulsbeekcross beslag op de derde plaats en in het eindklassement werd ze tweede.

Bij de jongens C, met Douwe Bentsink en Luke Hiddink, was tot voor de laatste cross nog niets beslist. Samen met Milan Veenstra uit Enschede konden ze alle drie in een willekeurige volgorde op het podium komen. Maar evenals verleden week bij de KroeseWeverscross moesten de Archeus-boys toch voorrang verlenen aan hun concurrent uit Enschede. Milan won met één tel voorsprong van Douwe en werd daardoor ook eindwinnaar. Douwe werd tweede in het eindklassement en Luke derde. In de laatste race werd Ezra Somers vijfde. De laatste twee eindklasseringen werden opgehaald door Petra en dochter Zoë Meinen. Petra liep een stabiele 12 km en werd beloond met een fraaie derde plaats in de dagklassering. In het eindklassement van de masters V35 werd ze daardoor ook derde. Dochter Zoë werd ook derde in de dagcross, maar in het eindrangschikking pakte de jongste deelneemster van Archeus een mooie tweede plaats bij de pupillen.

Andere goede prestaties kwamen van Anne Hovinga en Delany Reurink. Anne liep evenals verleden week bij de KroeseWeverscross naar een mooie derde plaats bij de C-meisjes. Delany Reurink kwam sterk uit de startblokken bij de jongens pupillen A en bekroonde zijn optreden met een vijfde plaats in een sterk veld. Lars Duistermaat liep bij de senioren naar een zesde plaats op de 12 km rondom het Hulsbeek.De TCC bestond uit zes wedstrijden in de regio Twente. Archeus behaalde in deze editie dertien overwinningen, zestien keer een tweede plaats en zeventien keer een derde plaats.

Rechtop lopen is efficiënt hardlopen

Een perfecte houding scheidt de loper van de betere loper
Een perfecte houding scheidt de loper van de betere loper. Maar hoe kom je toch aan die mooie houding die je tot winnaar maakt? 5 tips voor een goede loopstijl

Rechtop hardlopen, zo moet het. Dat vindt je in alle handboeken over hardlopen. Maar eenvoudig is het niet. Zeker als je net uit je werk komt en je hebt de hele dag druk achter je computer gewerkt. Wedden dat je dan eigenlijk te veel gebogen hebt gezeten. Dat moet eruit, terug naar de kaarsrechte mens, de ideale houding voor de loper.

1) Touwtje aan je hoofd
Je moet voor deze tip een vleugje verbeelding inzetten en dan werkt het perfect. Je staat aan het begin van je warming-up. Ga rechtop staan. Zo, dat voelt al beter. Dan kun je vaak nog wat rechter staan dan je dacht. Denk in dat er een klein touwtje aan de bovenkant, de top van je hoofd vastzit. Heel zachtjes trekt een imaginair iemand aan dat touwtje. Wedden dat je dan nog een halve tot een hele centimeter rechter gaat lopen.

2) Armen uitstrekken
Strek de armen goed uit. Wijs daarbij met je vingertoppen actief naar boven. Doe dat een keer of 3. Doe het nog 2 keer en bij iedere keer kijk  je ook omhoog tussen je handen door naar boven.

3) Knie omhoog
Wat zie je bij de beste lopers? Een looppas met hoge knieën. Overdrijf dit in je warming-up. Loop in wandelsnelheid een 50-tal passen waarbij je knie tot op 90 graden komt. Dit hoogte bereik je nooit in een looptraining. Het helpt je herinneren dat je met meer kniehef tot een betere looppas komt.

4) Armen recht bewegen
Het ziet er zo lekker losjes uit. De snelle loper waarbij de armen links en rechts meeswingen om het lichaam. Al die krachten moet je ook weer corrigeren in het lichaam tijdens het lopen. Daarom kun je beter de armen laten meebewegen in de looprichting en dat is recht vooruit. Het vergt een omslag die je echt een aantal keren bewust moet trainen. Daarna wordt de houding van de armen en de beweging vooruit een tweede natuur. Soms moet je het nog corrigeren als je erg vermoeid raakt.

5) Gebruik volledige longinhoud
Over ademhalen denken we niet veel na. Voel tijdens het lopen wel regelmatig of je de volledige longinhoud gebruikt. Wie gebogen loopt zal meer de bovenkant van de longen gebruiken. Wie rechtop loopt kan dieper ademhalen. Loop rechtop en laat bewust af en toe de lucht tot onderin komen. Het lijkt net alsof je met die lucht je buik aanraakt. De diepe ademhaling wordt een prima meting of je mooi rechtop loopt. Succes met je houding (bron)

maandag 21 januari 2019

Maansverduistering op Blue Monday

Maansverduistering met een mooie bloedmaan
De afgelopen nacht was het uitstekend weer om naar de maansverduistering te kijken. Het is helder en daardoor is de bloedmaan op blauwe maandag goed zichtbaar. Bij een maansverduistering staat de aarde tussen de zon en de maan. De schaduw van de aarde valt op de maan, waardoor deze niet meer te zien is. Een volledige maansverduistering wordt ook wel bloedmaan genoemd vanwege de rode kleur die de maan krijgt. Die rode kleur wordt veroorzaakt doordat rood zonlicht door de aardatmosfeer wordt afgebogen. Met andere kleuren licht gebeurt dit niet. Het rode licht valt op de maan en weerkaatst terug naar de aarde. Daardoor lijkt de maan rood. De maan is niet alleen rood van kleur. Er is ook sprake van een ‘supermaan’. Hierdoor lijkt de maan groter dan normaal.

Vanmorgen om 5.25 uur ben ik daarom vertrokken voor een duurloop van ruim 12 kilometer door de buurtschappen Lintelo en Dale. De maan is al voor ruim driekwart verduisterd. De één zal me niet goed wijs vinden en een ander had misschien wel graag mee gewild, maar ik vond het een prachtige ervaring. Het vriest een graad of zeven en daardoor is het behoorlijk koud. In de eerste kilometer kom ik al enkele auto's, een fietser en een wandelaar tegen en aan de achterkant van het station ligt iemand in zijn ronkende vrachtwagen te slapen. 

Als ik op de Nijverheidsweg loop, kom ik iemand achterop die daar met zijn drie teckels loopt te wandelen. Het blijkt Heini Rave te zijn en ik loop een kleine 100 meter met hem mee. We praten wat met elkaar en dan merk je pas hoe koud het is. Hij is altijd vroeg op en vindt dit één van de mooiste momenten van de dag. Ik wens hem een fijne dag toe en loop over de Sondernweg de buurtschap Lintelo binnen. Ik ben goed verlicht maar als er een auto aan komt ga ik toch maar even in de berm staan om een goed overzicht te houden. Via de Rosierweg, kom ik op de Vellegendijk. Ik ben de spoorbaan net over als de eerste trein van de dag in de richting van Arnhem gaat. 

Bij het oversteken van de Varsseveldsestraatweg merk je pas hoeveel mensen er iedere morgen vroeg op moeten. Het is een drukte van belang en veel auto's razen me voorbij, voordat ik kan oversteken. Ik ga de Boombeeksbrug over en loop in de richting van camping Goorzicht. Een vrouw die haar hond aan het uitlaten is wenst me een vriendelijke goede morgen en ik wens haar niets minder. De maansverduistering is te zien aan de westelijke horizon en als ik de Romienendiek op loop, heb ik de maan bijna recht achter me staan. Hij is nu helemaal verduisterd met een mooi rood kleurtje. Bij de watertoren loop ik Aalten weer binnen en ben rond 6.40 uur weer thuis. Een heerlijk begin van de dag.

Houdt Anneke Botteram haar podium plaats vast?

Diepe interview van Anneke Botteram na een goede 5 kilometer met Benno Stevering
Beekse Winterbosloop Run 1

Anneke Botteram, heeft afgelopen zondag de ARGO Atletiek eer hoog gehouden in Beek. Het lijkt, in het interview dat het allemaal van een leien dakje gaat, maar …. dat is ook een beetje zo. De eerste 3 km is eigenlijk alleen maar klimmen. Niet stijl omhoog, maar vals plat. Alleen dat had ze niet door omdat ze druk aan het kletsen was met Benno. Nee nog niet met Benno Stevering, dat was pas nadat ze over de finishlijn kwam en waar beelden van zijn. Dus pratend ziet ze de top in zicht komen, kijkt achterom naar haar loopmaatjes Judith en Martine en besluit even terug te lopen om met hun verder te gaan. 

Eenmaal over de top, was ze niet meer te houden. Ze ging in een lichte versnelling, iets harder en maar door. De laatste 2 km is namelijk alleen maar dalen. Ze rolde als het ware, door de zwaartekracht, vanzelf de finish over. Natuurlijk kent ARGO Atletiek haar ARGO Topteam MiLa en de wedstrijdgroep, maar dat ARGO ook onder de Recreanten toppers heeft lopen is eigenlijk niets nieuws. En dat die zelfs podium plaatsen behalen is ook bekend. Haar trainer Bas Waterham vroeg begin dit jaar naar haar doelen. Nou Bas Waterham en natuurlijk ook Maike Den Houting, waar ze op de vrijdagavond loopt, haar doel is eigenlijk dit jaar al bereikt! 

Wat niemand verwachtte, is gebeurt. Anneke staat in de 50+ klasse op dit moment op een geweldige 2e plaats. Nu is er door haar loopmaatjes een Stichting in het leven geroepen: Houd Anneke Botteram op het podium. De Stichting zal alles in het werk stellen om haar op het podium te behouden. Dit kan door loopsters, die tussen de 50 en 59 jaar zijn, dit jaar vooral NIET de Beekse Winter Bosloop Run 2 en de Beekse Winter Bosloop Run 3 te laten lopen. Dit kan door ontmoediging, maar de Stichting schuwt ook andere, hardere maatregelen niet. Vol verwachting kijken we uit naar de Beekse Winter Bosloop Run 2 en wij hopen natuurlijk op jullie medewerking om Anneke op het podium te houden.

van links naar rechts Judith Wolbrink, Erik Hendriksen, Martine Gerritsen en Anneke Botteram

zondag 20 januari 2019

Uitslagen van de 1e Winterbosloop in Beek

Pascal Veldboom en Bianca Piek
Uitslagen AVA'70 leden en Aaltenaren:

5 kilometer: Stijn Ormel 19.52 min, Gerrit Dijkslag 19.56 min, Jeroen Toevank 21.27 min, Gerrit Ormel 21.58 min, Pascal Veldboom 23.45 min

10 kilometer: Herbert ter Maat 43.45 min, Bianca Piek 47.42 min, Maarten Angenent 51.28 min, Gerrit Tolkamp 52.41 min

Klik op de link voor alle uitslagen


Kraak je 10 kilometer tijd

 Zorg dat je getraind hebt waarbij je ook een laatste kilometer volle bak kunt lopen
Voor de een is het een hapje tussendoor. Voor de ander zijn beste afstand waar hij zich helemaal op richt. Beiden zetten toch heel graag een scherpe tijd neer op de 10 kilometer. We vroegen een aantal sporters hoe zijn hun beste tijden op de 10 kilometer bereiken. 10 punten voor een 'super' tijd op de 10 kilometer.

"Je kan het!"
De mooie adviezen over schema’s, slimme trucs bewaren we voor later in dit artikel. De snelle sporter is een gemotiveerde sporter. Slechts weinigen lukt het door puur innerlijke drive de grens van het persoonlijk record te breken. Zorg voor aanmoedigingen. Of dat nu een coach is of de buurvrouw, maakt niet uit als ze je maar flink opjutten. Go, go, go.

Trek er een jaar voor uit
Dit is wel even een domper. Eventjes een persoonlijk recordje verschalken, dat zit er niet in. Logisch want je moet door je grens heen. Als je al vele jaren loopt kan dat knap lastig zijn. Dan komt het neer op plannen, en een goed schema, en dat slobbert zeeën van tijd op. Je ziet dan ook dat in een seizoen niet snel het ene na het andere record sneuvelt. Het kan zomaar een jaar duren.

Schrijf je tijd op
Simpelweg denken ‘ik ga mijn persoonlijk record breken’ is te vaag. Niet scherp genoeg. Je blijft dan hard trainen maar je richt je niet specifiek genoeg op je doel. Al schrijf je maar één seconde minder op je bestaande tijd, prent het in je hoofd. Zet het groot boven je schema. Het mooiste is nog als je een mooie ronde tijd weet te breken. Zo werd de race naar de eerste atleet voor de 4 minuten op de mijl legendarisch. Dat zijn mooie ijkpunten voor de geest.

Dat is maar zoveel seconden eraf!
Motivatie is enorm belangrijk, dat merk je aan dit overzicht. Daar speelt dan ook in mee hoe je met tijden omgaat. Denk je onbewust, dat ga ik nooit halen? Draai het dan om. Als je een tijd in gedachten hebt, dan blijkt bij veel sporters dat ze daar in de trainingen of wedstrijden al vaak dicht bij in de buurt komen. Dan hoef je dus nog maar x-seconden eraf te lopen en dan heb je het. Benader je tijd vanuit wat mogelijk is.

Beetje boos
Vaak volgt een record na een wedstrijd of training waarin het niet helemaal goed ging. Je verloor de focus. Of je bleef bij een groepje dat toch wel lekker liep. Dat maakt je vaak boos. Die frustratie blijkt in de praktijk een grote motor voor een snelle tijd in een volgende wedstrijd.

Voel je je goed of minder?
De praktijk wijst ook uit dat een geslaagde poging om je pr op de 10 te kraken samengaat met een aantal weken vooraf waarin je je goed voelt. Beter gezegd, waarin per training alles net een tandje beter gaat draaien. Als je dat gevoel te pakken hebt, ga er voor.

Puntjes op de 'i' in looptechniek
Je kunt er helemaal voor gaan. Maakt niet uit hoe ik over die finish kom als het maar sneller is. Dat maakt wel uit. Hardlopers die al een scherp pr op de 10 hebben staan kunnen vaak toch nog weer seconden afsnoepen door technisch beter te lopen.

Schermutselingen
In wedstrijden ontstaan groepjes en vinden wisselingen plaats. Verdeel je tempo goed. Als in een wedstrijd al in het begin veel tempowisselingen zijn, pakt dit meestal niet goed uit voor de lopers die zich richten op een snelle eindtijd.

Gok niet op één wedstrijd
Je hebt een periode waarin je je beste vorm hebt en even kunt bewaren. Bewaar niet alles voor één wedstrijd. Plan een paar wedstrijden bij elkaar waarbij je één rood omcirkelt als belangrijkste.

Die laatste kilometer
Je hebt goed getraind. De halve stad moedigt je aan. Je focus blijft scherp gedurende de hele wedstrijd. Dan komt het aan op een goede laatste kilometer. Vaak wordt daar het pr gewonnen of verloren. Zorg dat je getraind hebt waarbij je ook een laatste kilometer volle bak kunt lopen. Houd ook de focus nog even 1 kilometer vast. Soms lijkt dat eindeloos maar bedenk dat het maar een paar minuten duurt (bron)

Uitslagen van de Zwolse Bos Loop in Heerde

Wouter Raben

De Atlantisdata Zwolse Bos Loop is de oudste loop van De Gemzen en misschien wel de mooiste. Ieder jaar klimt het deelnemersaantal en dat is niet zo verwonderlijk met dit prachtige parcours over de verharde paden dwars door ons mooie Zwolse Bos! Dit jaar is er gekozen om een extra categorie toe te voegen aan deze prachtige loop, namelijk de 2500 meter! Deze is bedoeld voor jongens en meisjes tussen de 11 en 16 jaar.

Loop je in het voorjaar een marathon? Dan past de halve marathon op het Zwolse Bos uitstekend in de voorbereiding op die marathon. Ook AVA'70 lid Wouter Raben stond aan de start van de halve marathon en deed 1:35:47 uur over deze afstand, wat goed was voor een 17e plaats bij de M40.

Klik op de link voor alle uitslagen

zaterdag 19 januari 2019

Hardlopen met koorts

Trainen met koorts onder de leden is levensgevaarlijk!
Er heerst een flinke griep in Nederland. Dit is alweer de vierde week van de griepgolf. Natuurlijk doe jij als hardloper extra je best om aan de griep te ontkomen. Maar wat doe je als je tóch een griepvirus te pakken hebt? Hardlopen.nl medisch expert en sportarts Mirjam Steunebrink geeft tips en tricks.

Allereerst is het, als je je ziek of grieperig voelt, zaak om te weten of je koorts hebt of niet.  Meet dus je temperatuur op, en doe dit altijd vóór het nemen van temperatuur verlagende of pijnstillende middelen zoals aspirine en paracetamol.

Je spreekt van koorts als je temperatuur boven de 38 graden is. Normaal gesproken schommelt de lichaamstemperatuur van een mens tussen de 36.5 en 37.5 graden Celsius. Bij een temperatuur tot 38 graden spreekt men van 'verhoging'. Het betrouwbaarste is het om de temperatuur te meten via de anus, maar de huidige oorthermometers bieden een redelijk goed alternatief.

Symptomen
Koorts zelf is een symptoom van een ontsteking of infectie, zoals dus bij griep. De symptomen die bij koorts horen zijn
- het plotseling heel erg warm krijgen
- of juist heel erg koud (zogenaamde 'koude koorts')
- rillerig zijn en klappertanden
- bleek worden of heel rood
- zweten
- bij hoge koorts: ijlen

Koorts heeft een belangrijke functie. Door verhoging van de lichaamstemperatuur wordt de activiteit van diverse ziekteverwekkers namelijk lamgelegd.

Trainen met koorts onder de leden is gevaarlijk
Je immuunsysteem is verzwakt en je lichaam heeft alle energie nodig om beter te worden. Bovendien loop je het risico dat de hartspier ook geïnfecteerd raakt (een zogenaamde myocarditis). Dit is zeer gevaarlijk!

Er is maar één optie bij koorts en dat is rust nemen en niet trainen! En ook als de koorts weer gezakt is, heeft je lichaam een aantal dagen nodig om te herstellen. Als vuistregel geldt: voor elke dag koorts heb je twee rustdagen nodig om goed te herstellen. Stel dus dat je 3 dagen koorts hebt gehad, dan kun je na 6 dagen rust je training weer geleidelijk aan opbouwen. Daarbij begin je met de wat rustigere trainingsvormen, zoals een korte duurloop. Als dit goed gaat kun je voorzichtig de intensiteit weer verhogen. Maar beter een dag extra rustig trainen dan te vroeg té intensief!

Daarnaast is het belangrijk om in de koortsperiode, en ook de dagen erna, extra aandacht te hebben voor gezonde voeding, zoals vitamines, maar ook eiwitten (herstel!) en de langzame koolhydraten (energie!). Drink meer dan normaal, door de koorts verlies je extra vocht. Een goede graadmeter is om naar de urine te kijken, probeer deze steeds lichtgeel te houden. (bron)

Marti ten Kate 60 jaar

Marti ten Kate
Een kleine twintig jaar geleden beëindigde Marti ten Kate zijn topsportcarrière. Anno 2019 bekleedt hij met zijn 2.10.04 – op 16 april 1989 op de Rotterdamse Coolsingel gerealiseerd – nog altijd de vijfde plaats op de Nederlandse marathonranglijst aller tijden. We praten hem daarover, maar ook over verschuivende begrippen, het wereldrecord van Eliud Kipchoge, het Nederlandse bedrijfsleven, files en de recreatieloper. Constateringen en overpeinzingen aan de vooravond van zijn zestigste verjaardag. Marti ten Kate dus.

Op 16 december vierde Marti ten Kate in het bijzijn van familie en een aantal vrienden ergens onder de rook van Enschede onder het genot van een hapje en een drankje zijn ‘veertigste’ verjaardag. Veertig? Jazeker, want zestig is het nieuwe veertig. De levensverwachting van de mens stijgt en daarmee zijn aantal actieve, gezonde en productieve jaren. Geraniums zijn passé.

‘Ik ben fit. Zelfs maar een klein beetje zwaarder dan tijdens mijn topsportjaren. Ik geef looptrainingen aan mijn collega’s op Papendal en bij de gemeente Enschede en indien mogelijk loop ik ook nog dagelijks zelf. Dat ik aan dat laatste niet altijd toekom, heeft te maken met mijn werk’, bevestigt Ten Kate het nieuwe veertig. Want ook zijn werkzaamheden bij NOC*NSF eisen veel tijd. Ten Kate houdt zich bij de Athlete Services binnen de Nederlandse sportkoepel bezig met de ondersteuning van sporters met een topsportstatus en aan het zo goed mogelijk vormgeven van de voorzieningen voor deze sporters.

 ‘Zestig, wat zegt het’, haalt hij zijn schouders op. ‘Natuurlijk is het een groot goed om fit die leeftijd te halen. Maar verder? Het zal niet anders voelen dan 59. Vijftig en 65, dat zijn – of liever dat wáren – grote zaken. ‘Bij vijftig begon het op te schieten, bij 65 was je aan de eindstreep. Gelukkig zijn die twee begrippen steeds meer aan het verschuiven en vervagen.’ Pás zestig dus? Ten Kate: ‘Zeker.’ Maar waar volgens de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd (WGBL) arbeidsvoorwaarden en behandeling van de werknemer in beginsel leeftijdsonafhankelijk dienen te zijn, wordt een en ander door Ten Kate bij het nog immer beoefenen van zijn sport niet altijd als zodanig ervaren.

Aparte ervaring
Ronduit hilarisch is de toelichting waarmee hij dat gevoel onderbouwt. ‘Soms doe ik nog wel eens de halve van Egmond. Destijds ging ik daarheen als toploper. Wanneer ik het podium haalde , werd ik geroepen voor de prijsuitreiking, stapte ik daarna in de auto en was ik voor de file thuis.’

‘Op een gegeven moment word je 25ste, met een eindtijd die twee minuten langzamer is dan die van een jaar eerder’, grijnst hij. ‘Dan komt er iemand naar je toe en zegt: ‘proficiat meneer Ten Kate, u bent tweede geworden in de categorie mannen 40.’

‘Het proces van de prijsuitreiking is vervolgens hetzelfde als bij de toplopers. Het protocol niet. Het is wachten, wachten nog eens wachten. Als je eenmaal bij mannen 40 hoort, ben je ondanks een podiumplaats nooit meer voor de file thuis. Een heel aparte ervaring. Ik heb daar erg aan moeten wennen.’

‘Hoe moet dat dan straks bij mannen 60’, herhaalt hij olijk kijkend de vraag. ‘Ik heb geen plannen om in die categorie indoor of outdoor kampioen te worden.. Bovendien: als je inschrijft, moet je een tijd kunnen overleggen. En die heb ik niet’, lacht hij.

Jammer
‘Terugkijkend op mijn topsportcarrière denk ik te kunnen zeggen, dat ik alles eruit heb gehaald wat erin zat. Jammer is wel dat er in mijn tijd nog geen WK halve marathon bestond. Daardoor heb ik helaas nooit kunnen laten zien waartoe ik op die afstand in staat was. Ik denk dat ik daar destijds zeker top 5 had kunnen lopen.’

‘Kijkend naar het heden zeg ik: ik ben 30, 35 jaar te vroeg geboren. Ik zou op dezelfde manier begonnen zijn, maar ik zou niet meteen zijn gaan werken, van het vervullen van de militaire dienstplicht zou geen sprake zijn geweest en ik zou wat langer over de studie hebben gedaan. Waarschijnlijk was ik dan ergens in een team terecht gekomen met alle mogelijkheden van dien. Al zeg ik eerlijk dat ik niet weet of dat bij mij gepast zou hebben.’

Zijn 2.10.04 van dertig jaar geleden bewijst de kracht van zijn aanpak van weleer. ‘Eigenlijk is het triest, dat ik hiermee nog altijd zo hoog op de ranglijst sta en dat van opvolging (nog) geen sprake is. Ik was zestien, zeventien jaar en trainde dertien, veertien keer in de week. Dat zie ik nu geen atleet meer doen en dat zie je terug in de diepte van de ranglijsten.’

Eigen wijze
Niet toevallig veroverde Marti ten Kate op volstrekt eigen wijze startbewijzen voor wereldkampioenschappen op baan en weg, Europese kampioenschappen en Olympische Spelen. Maar hoe fraai die agenda ook is, wat beleving betreft, hij voltooide zijn mooiste wedstrijden toch vooral buiten de mondiale schijnwerpers. Alleen zijn Olympische 10 kilometer in Seoul (9e in 27.50.30) beschrijft hij als ‘mijn mooiste wedstrijd op de baan ooit’. ‘Maar qua ervaringen komt deze wedstrijd niet in mijn top 10. Mijn marathons in Enschede, Rotterdam (3x), New York en Eindhoven heb ik als veel mooier beleefd.’

‘Met de marathon in Seoul op zondag is een finaleplaats op de 10.000 meter op maandag nooit mijn bedoeling geweest. Maar afmelden kon niet volgens de regels. Als een atleet zich afmeldde voor een nummer was het hem verboden om verderop in het toernooi nog in actie te komen.’

‘Ik móest dus lopen. Mét blaren en op een keiharde baan. Op spikes lukte dat niet, daarom de wegwedstrijdschoenen maar aangetrokken. Later hoorde ik dat – bij een close-up van mijn voeten op tv – men bij Nike Nederland had gezegd dat ze zulke spikes nog nooit gezien hadden’, lacht hij.

Flow
Wat wereldkampioenschappen betreft, is er ook slechts één wedstrijd waaraan Ten Kate mooie herinneringen bewaart: het WK cross in 1990. Op slechts 46 tellen achter de Marokkaanse winnaar Khalid Skah maar zeven tellen vóór de Keniaanse wereldkampioen John Ngugi eindigde hij als één van de 230 (!) deelnemers op de paardenrenbaan van het Franse Aix les Bains als zestiende. ‘Ik zat daar in een flow. Het voelde die dag alsof ik de hele wereld aankon.’

Hoogtepunt
Hoe mooi zijn ervaringen ook zijn, er gaat niets boven de marathon van 1989 in zijn eigen Enschede. Als bonus stelde de organisatie er honderd gulden in het vooruitzicht voor elke seconde die de winnaar onder het parcoursrecord van 2.11.50 zou duiken. Ten Kate: ‘Ik had berekend dat dit bedrag aardig zou kunnen oplopen, zeker wanneer ik een nieuw persoonlijk record zou neerzetten.’

Dat pr kwam er niet, maar dank zij het uitstekende werk van zijn haas Gerard Nijboer snelde Ten Kate naar een eindtijd van 2.10.57. ‘Ik was pas laat thuis’, knipoogt hij naar de halve van Egmond. ‘Bij de dopingcontrole wilde het water maar niet komen. De prijsuitreiking werd er zelfs voor uitgesteld. Pas na een aantal pilsjes kon er worden geplast.’

Hoogste schaal
‘Met een startgeld van 10.000 gulden, een eerste prijs van 10.000 gulden en 5300 gulden bonus voor elke seconde onder het parcoursrecord ben ik – goed om me heen kijkend – samen met Jolanda naar huis gefietst. Een dag later moest het geld gestort worden op mijn rekening bij de Atletiekunie. Als amateur mocht je immers niets aan je sport verdienen. Na mijn loopbaan werd het geld uitgekeerd. Ik promoveerde bij de belastingdienst meteen naar de hoogste schaal. In recordtempo was ik het grootste gedeelte van mijn spaarcenten kwijt.’

Ten Kate mixt verleden en heden: Enschede 1989, Berlijn 2018. In 1989 stond het wereldrecord met 2.06.50 op naam van Belayneh Densimo. Nu op 2.01.39. ‘Fantastisch mooi’, zegt hij met prachtige Twentse tongval. ‘Geweldig wat Eliud Kipchoge in Berlijn voor de wegatletiek heeft gedaan. Meteen na de start dacht ik al: daar gaat iets gebeuren. Die man loopt zo steady en geconcentreerd. Indrukwekkend. Kiene loper. Onder de twee uur? Nee, dat zie ik Kipchoge niet meer doen. Hij wordt ook ouder. Bovendien: hazen die hem in dat tempo naar 30/35 kilometer kunnen brengen, zijn er niet. Des te knapper is zijn wereldrecord. Hij heeft het alleen gedaan.’

‘Ik heb de hele race via de social media gevolgd. Heb alle tussentijden van Kipchoge, Bart van Nunen en Andrea Deelstra meegekregen. Andrea viel helaas wat tegen, van Bart heb ik genoten. Nederland moet blij zijn met Bart. Zoals Nederland ook blij moet zijn met Sifan Hassan en Susan Krumins. Wat betreft het laatste EK atletiek zijn het hún beelden, die samen met die van de finale van de 400 meter vrouwen en het polsstokhoogspringen bij de mannen beklijven.‘’

‘Zonde dat atletiek en bedrijfsleven in ons land nog (te) ver uit elkaar staan’, meent Ten Kate. ‘Nationale Nederlanden laat al heel lang zien wat je met atletiek als uithangbord kunt doen. Maar alleen kunnen zij het ook niet. Het zou prachtig zijn als er nog een groot Nederlandse bedrijf zou instappen.’

Smoel
‘De wegatletiek is veranderd, vindt hij. Waar vroeger de toplopers smoel gaven aan een marathon, is het nu het aantal deelnemers. Ik weet nog dat we bij de eerste Zevenheuvelenloop met 300 man naar de start wandelden. Na 70 minuten was iedereen binnen.’

‘De drukte in een wedstrijd zit nu veel verderop. In mijn tijd was iedereen in een wedstrijd over 10 kilometer na drie kwartier binnen. Nu begint het na drie kwartier pas te komen. Ook de instelling is veranderd. Iedere marathonloper loopt in principe voor zichzelf. Voor een limiet, een kampioenschap, een persoonlijk record. Zo gaat iedere loper de wedstrijd in. Intensief bezig met zijn doel. Na de finish is het dan zwart of wit. Een marathonloper kon alleen van zichzelf verliezen.’

‘Dat is niet meer. De mensen die nu deelnemen aan de grote marathons doen dat voor hun ontspanning. Voor de beweging. Voor het wij-gevoel. Om erbij geweest te zijn. Daar kun je best jaloers op zijn. Een persoonlijk record is voor die mensen hooguit meegenomen. Meer niet. maar begrijp me goed, dit is absoluut niet de kritiek van een oud-topsporter. Ik vind het juist geweldig dat zo veel mensen kiezen om via hardlopen gezond te blijven.’ (bron)

vrijdag 18 januari 2019

Gert-Jan Wassink: Investeren in Zuid-Afrika

Gert-Jan Wassink
De kou heb ik achter me gelaten en de warmte opgezocht. Sinds dinsdag ben ik voor een hoogtestage in Zuid-Afrika. Ik heb ervoor gekozen om daar naartoe te gaan, in plaats van bijvoorbeeld Kenia of Amerika, omdat Zuid-Afrika wat lager ligt. Het ligt nog wel op hoogte, maar niet op 2400 meter zoals Kenia of 2000 meter zoals Flagstaff. Ik heb gekozen voor die 1500 meter, omdat ik daar iets meer op kwaliteit kan trainen. Dat is eigenlijk ook het trainen dat ik een beetje mis.

We hebben met het team afgesproken om iets minder kilometers te gaan lopen in voorbereiding op de Rotterdam Marathon op 7 april. En ervoor te kiezen dat ik wat meer vanuit snelheid die marathon zal gaan benaderen, mits mijn lijf dat natuurlijk toestaat. Daarvoor heb ik er dus voor gekozen om geen wedstrijden te lopen, zodat ik eigenlijk op het moment dat ik me fit voel, ik zo’n zwaardere tempotraining in kan lassen. En als ik me een keer wat minder voel, ik kan schakelen en kan zeggen, ik doe dat niet.

Ik denk dat de komende periode me veel gaat brengen. Daarbij vind ik het wel heerlijk om dan straks wel de Midwintermarathon te gaan lopen. In plaats van de 25 kilometer doe ik daar dus de 8 kilometer. Ze hebben een mooi internationaal startveld en het is in mijn eigen stad. De dag voor de wedstrijd kom ik thuis. Heerlijk, ik kan gewoon op de fiets naar de wedstrijd. Dat geeft me ook een heleboel rust en ik verwacht eigenlijk niets van mezelf, dus ik wil daar gewoon een goede snelheidsprikkel pakken in die wedstrijd. Het klinkt wellicht wat raar, maar het resultaat interesseert me dan niet zo heel veel, omdat het doel de marathon is.

Die focus, dat dat resultaat daar dus niet zo belangrijk is, wil ik er inbrengen. Dat ik me wat minder ga focussen op de tussendoelen en meer op het einddoel. Net als ik in aanloop naar Amsterdam heb gedaan. Ondanks dat eigenlijk niets goed ging, ben ik me blijven focussen op mijn einddoel en ben ik blijven doorgaan. Daardoor werd ik nog derde en kon ik nog 2.18:44 lopen. De bedoeling is dat ik die mindset nu vasthoud, maar het mezelf wel makkelijker maak door minder wedstrijden te gaan lopen.

Ik houd jullie op de hoogte van wat ik in Zuid-Afrika doe, dus blijf me volgen!

Gert-Jan

donderdag 17 januari 2019

Aankondiging van de Winterboslopen in Beek

De flyer van de Beekse winterbosloop

Nieuwe bosloopcompetitie Beek van start

Na vele jaren neemt Stichting Omloop Beek afscheid van haar venijnige bultjes. Er is een fraai, nieuw parcours van vijf kilometer door het bos uitgezet nabij het Peeske met heuvelachtig terrein en onverharde wegen. De tien kilometer lopers leggen twee keer dit parcours af. 

De Beekse winterbosloopcompetitie vindt plaats op de zondagen 20, 27 januari en 3 februari 2019. Voorinschrijving is mogelijk via de link hier beneden. Na-inschrijving is nog mogelijk vanaf 8.00 uur op de wedstrijddag zelf.

Starttijden:

  9.00 uur: 1 kilometer
  9.15 uur: 2 kilometer
  9.45 uur: 5 kilometer
10.30 uur: 10 kilometer

Klik voor meer informatie op onderstaande links

informatie

inschrijven

site organisatie

Gert-Jan Wassink kiest om het anders te doen

Gert-Jan Wassink
Wedstrijden, ik zou er de komende tijd een aantal lopen, met als doel me voor te bereiden op de Rotterdam Marathon. Daar sta ik op 7 april aan de start. Door middel van veel wedstrijden wilde ik me fit maken voor die marathon, maar samen met Honoré en ook door advies in te winnen bij andere mensen in mijn begeleidingsteam, heb ik nu een ander plan samengesteld. Niet tig wedstrijden, maar zelfs maar één echte wedstrijd in de voorbereiding, en de focus op kwaliteit.

De conclusie waar we toe zijn gekomen is dat ik niet het niveau heb dat ik zou willen hebben, wat betekent dat de vorm er nog niet is. Als je dan heel veel wedstrijden gaat lopen, betekent het dat je constant een week voor de wedstrijd gas terug moet nemen en na de wedstrijd voor je herstel ook weer gas terug moet nemen. Dat wil zeggen dat je telkens twee weken volledige training kwijt bent. Voor mij werkt dat op dit moment niet en dus gaan we het anders aanpakken.

Ik heb nu alleen de Midwintermarathon op mijn programma staan. Waar ik daar eerst de 25 kilometer zou lopen, hebben we dat teruggebracht naar de 8 kilometer. Dat heeft als reden dat door mijn val nog niet volledig en goed heb kunnen trainen. Als ik de 25 kilometer zou willen lopen, zou ik een risico moeten nemen met betrekking tot de trainingen. Vooral voor het langere duurwerk moet je heel belastbaar zijn. Voor een 25 kilometer wedstrijd op hoog niveau moet je eigenlijk wel 30 kilometer in een rustige duurloop kunnen lopen, volgens onze methodiek. Dat niveau heb ik nog niet. Ik loop nu wel met heel veel gemak 25 kilometer, maar je moet dat structureel lopen. Dat is nu nog niet aan de orde.

Een ander ding is dat ik die langere periode achter elkaar goed wil trainen, zodat ik geen concessies hoef te doen in trainingen met het oog op een wedstrijd. Dan moet je dus gas terugnemen en je periodisering aan gaan passen. Ik wil eerst zorgen dat ik mijn oude niveau terugkrijg en dat hoop ik in de komende drie maanden te bewerkstelligen. Dat betekent dus dat ik bijna geen wedstrijden ga lopen. Misschien een keer een trainingswedstrijd in de regio, voor de lol. Die loop ik dan ook echt als training en niet als wedstrijd. Dan kan ik wel even proeven aan een wedstrijd, maar voor de rest wil ik alleen maar trainen, zodat ik in de periodisering mezelf gewoon heel goed kan opwerken richting een hoog niveau.

Gert-Jan

woensdag 16 januari 2019

AVA'70 trio loopt Taunus Medium Ultra

Af en toe is het best lastig lopen
Om te voorkomen dat een korte winterpauze in een complete winterslaap doorschiet plannen Henrie en ik vaak een wedstrijd begin januari. Dan heb je in ieder geval een stok achter de deur om toch je loopkloffie aan te trekken als het weer eens ’s avonds donker en regenachtig is. Vorig jaar deden Henrie en ik voor het eerst mee aan de Taunus Ultra, een kleinschalige van A naar B loop over de Taunus Hochstraβe. Het verslag hiervan kun je hier nog eens nalezen.

Dit jaar had organisator Bert met zijn vrouw Jessyca een ronde uitgedacht van 50 km of 70 km door het Taunus gebied. Start en finish bij een jeugdherberg, met een pizzeria op 500 meter loopafstand. Aanreizen op vrijdagmiddag, zaterdags lopen en dan zondagochtend na het ontbijt weer naar huis, en dat voor een klein prijsje. Naast Henrie en mijzelf ging ook Eric mee, die wilde graag zijn verst gelopen afstand naar boven bijstellen. We gingen voor de 70 km, voor mij ook een lange tijd geleden dat ik zo’n eind gelopen had.

Ouderwets stapelen met zijn allen
Na een vlot verlopen reis reden we het laatste stuk naar de jeugdherberg door de sneeuw, zou het dan toch winterser worden dan we gedacht hadden? Zoetjes aan kwamen er steeds meer lopers binnen, zelfs nog twee Nederlanders. Sjaak en Liesbeth zouden de 50 km lopen. We gingen met zijn allen naar de pizzeria, die daarmee ineens bijna vol zat. Een mooie manier om kennis te maken met de andere deelnemers, of even bij te kletsen met bekenden.

Er was verder niets te doen in de jeugdherberg (er was zelfs geen TV te vinden en Wifi-ontvangst was alleen in de centrale ruimte beschikbaar. Blij met 4G internet!). Tijd genoeg om de rugzak in te pakken en vooral de kledingstrategie goed door te nemen. Met een temperatuur van 2-4 graden in het dal, regen en mogelijk sneeuw moesten we natuurlijk ruim extra kledingstukken meenemen voor geval van nood. Mocht er wat gebeuren dan lag onderkoeling op de loer en het kon wel even duren voor je gered zou kunnen worden. De rugzak was dan ook zwaarder dan me lief was, maar beter mee verlegen dan om verlegen.

Na het ontbijt hadden we nog een korte briefing en daarna werden we op pad gestuurd. Geen linten, geen pijlen, de hele route zouden we zelf met onze GPS handheld moeten vinden. Precies wat we leuk vinden dus. Vol goede moed liepen we de sneeuw in en meteen een leuke klim op. We hadden met ons drietjes meteen onze plaats achteraan in het peloton gevonden.

Lange klimmen…
Na de eerste klim ging het een tijdje redelijk naar beneden. Mooie gelegenheid om in het rustige ritme te komen dat nodig zou zijn om deze klus te klaren. Na een eerste glijpartij op mijn billen waren we gewaarschuwd. Verder in het dal lag er gelukkig geen sneeuw meer, het was alleen wat modderig. Mijn koude natte achterwerk werd al snel weer warm door de eerste lange klim. Zulke lange klimmen vind je nergens in Nederland.

Ik was blij dat ik mijn stokken meegenomen had. Zo kon ik Henrie nog een beetje bijbenen, die is nl. een veel betere klimmer. Gespierde spijker Eric kon ook behoorlijk vlot omhoog met zijn gloednieuwe stokken en zo maakten we behoorlijk progressie. Voor vlaklanders dan, want bij de eerste verzorgingspost op 16 km bleken we alleen niet de laatste te zijn omdat twee andere deelnemers verkeerd gelopen waren. Lekker warme en mierzoete vruchtenthee, marsen, winegums, van alles lag er klaar om ons op krachten te houden. Ik stak een paar marsen in de zakken van mijn Fusion broek, lekker makkelijk te grijpen onderweg en smelten deden ze niet met dit weer.

Enthousiaste vrijwilligers
Halverwege verzorgingspost één en twee, net voor de lange klim naar de top van de Altkönig wisten we nog bij een Waldcafe een bak koffie en warme choco to go te regelen. Slurpend van onze lekkere warme drankjes liepen we de berg op. Maar de klim was wel zo lang dat de bekers al lang leeg waren voor we zelfs maar halverwege waren. Een beste klim was het, tot in de wolken. Het uitzicht bovenop was dan ook heel erg beperkt. In de zomer en bij mooi weer ongetwijfeld een enorme toeristentrekker. De redelijk steile en lange afdaling die er op volgde vroeg ook behoorlijk wat van de beenspieren. We waren blij dat VP2, op 36 km, in beeld kwam en dat we weer even bij konden tanken.

Na weer een supergoede verzorging door de vrijwilligers gingen we weer op pad, nu officieel als laatsten in koers. Het ging meteen weer steil omhoog het bos in en we raakten even het spoor bijster. Door wat bushwacking kwamen we weer op de route die de GPS aangaf. Na een mooie afdaling bleken we echter weer bij de plek te staan waar een uur eerder VP2 stond. We hadden de route wel gevonden, maar waren domweg de verkeerde kant op gelopen! Wat nu?

Nog een keer de route lopen zou minstens een uur, misschien wel anderhalf uur vertraging opleveren. En we zouden al laat binnen zijn en dus urenlang in het donker in de regen moeten lopen. We besloten daarom een alternatieve route te kiezen en daarmee het tijdverlies te beperken. Een route werd bedacht en vol goede moed vervolgden we onze tocht. Na een tijd lopen bleek de route die we bedacht hadden echter dwars over een bergrug heen te voeren, waar de oorspronkelijke route daar meer omheen draaide.

Af en toe best lastig lopen
Qua hoogtemeters kwamen we zeker niet tekort, we moesten af en toe even een heuvelruggetje dwars oversteken om de richting te houden en niet te veel uit koers te raken. De bestaande paden liepen allemaal de verkeerde kant op. Sporen van bosbouwvoertuigen die recht omhoog voerden bleken prima als pad te kunnen fungeren, afgezien van de vele takken, boomstronken en wortels die er dan lagen. Beter dan door de braamstruiken….

Uitzicht net iets meer dan nul
Met een telefoontje naar organisator Bert lieten we weten dat we VP 3 oversloegen en dat de vrijwilligers daar niet op ons hoefden te wachten in de regen die inmiddels niet meer ophield. Het werd een bijzonder avontuurlijke tocht en we vermaakten ons eigenlijk prima, maar we moesten nog regelmatig onze route aanpassen om weer een beetje in de richting te komen van de officiële route.

De benen begonnen wel behoorlijk stijf te worden van alle geklauter en ik voelde een paar blaren opkomen door de hele dag met natte voeten te lopen. In het dorpje Glashütten stopten we nog één keer bij een bankje. Even wat eten, nieuwe batterijen in de GPS en om de koplampjes op te zetten. Het werd inmiddels donker en het weer verslechterde. We waren niet erg rouwig om het feit dat we de route iets afgekort hadden. Anders hadden we nog een paar uur door de natte sneeuw kunnen lopen die nu begon te vallen.

Donker en nat op de laatste klim
De laatste klim was de beroemde Groβer Feldberg, het hoogste punt in de regio. Een vervelend steile klim van ruim anderhalve kilometer door de natte slush, met natte sneeuw die in je gezicht vloog en ook nog eens mist die het licht van je lichtbundel verspreidde tot een lichtvlek voor je gezicht. Een echte uitdaging dus. En eenmaal bovenaan was het niet lekker met een eindsprint naar de finish… nee, met je zere bovenbenen mocht je ook nog eens via de glibberige skihelling naar beneden. En dan, eindelijk na 10 uur en bijna 60 km lopen, met daarin bijna 2000 meter klimmen waren we binnen. De klus zat er op! We hadden weliswaar een soort van medium loop gedaan door precies tussen de 50 en de 70 km uit te komen, maar we waren er blij mee.

Een hartelijk ontvangst door Bert en Jessyca was ons deel en een heerlijk warme douche zorgde er voor dat we ons weer mens voelden. Her en der druppelden nog deelnemers binnen die wel de 70 gelopen hadden, sommigen hadden zelfs 80 km gehaald door ook fout te lopen. Ook de 50 km lopers die binnenkwamen hadden diverse afstanden op hun horloge staan. De omstandigheden waren blijkbaar redelijk gunstig om aan het dwalen te komen. Maar niemand die zich er over beklaagde, sterker nog, het leek meer iets om trots op te zijn.

Op de top even weer een reepje pakken
Je wist immers voor de start waar je aan begon. Verkeerd lopen is eigen schuld, een oplossing zoeken is je eigen verantwoording. Soms betekent dat meer kilometers en soms minder. Toch maakte de organisatie zich wel zorgen toen wij terugkwamen van de pizzeria en er alleen nog twee Holländer onderweg waren. Gelukkig waren het ervaren rotten die uiteindelijk ook zonder kleerscheuren bij de finish kwamen.

Na het ontbijt de volgende ochtend reden we door de stromende regen weer naar de Achterhoek. Het was nog slechter weer dan de dag er voor. Toch nog enigszins geluk gehad met het weer dus. Stijf en stram, maar vol mooie herinneringen en sterke verhalen keerden we huiswaarts. Op naar het volgende evenement.