donderdag 8 januari 2026

Survivalveteraan Marcel Scholten is na maar liefst 35 runs absoluut nog niet versleten

Deelnemers van de Survival Beltrum gaan de strijd aan tegen de elementen (foto Henk Oltvoort)

Ze doen al de hele middag hun best om bij de finish van de survival in Beltrum de arriverende deelnemers bij de laatste hindernis aan te moedigen en hen na het passeren van de bel nog even te interviewen, Stef Beunk en Liesbeth Franz. Maar als Marcel Scholten aankomt, gooit Beunk er nog een schepje bovenop.

Door Bart Kraan

“Waar is Marcel Scholten?”, vraagt Beunk als hij de survivalatleet uit de Winterswijkse buurtschap Meddo even uit het oog is verloren als die de laatste hindernis neemt. “Oh, daar heb je hem, hij komt nu naar beneden”, roept Beunk als hij Scholten weer ziet. Om hem vervolgens te verzoeken zijn nummer (35) te laten zien. Dat draagt Scholten niet voor niets. Want hij heeft als enige van het hele deelnemersveld aan alle 35 runs meegedaan, wat de organiserende Stichting Survival Beltrum uiteraard niet onopgemerkt voorbij laten gaan.

“Dit is inderdaad mijn 35ste keer”, aldus Scholten, die van die 35 runs er 34 heeft uitgelopen. “Vorig jaar ben ik een kilometer voor de finish uitgestapt. Het was toen koud, zo’n drie, vier graden, en het regende. Die combinatie nam al mijn energie weg.”

De run van afgelopen zondag loopt Scholten zonder problemen uit. Weliswaar eindigt hij niet in de voorhoede, zoals in zijn hoogtijdagen, maar wordt op de lange run 205e in 4.57.11. Dat is wel een uitstekende prestatie, omdat hij al 67 jaar is. “Ik ben er wel tevreden over. Ik heb een regelmatige run gelopen, op gevoel. Dus niet te snel. Ik kan wel harder lopen, maar dat gaat ten koste van het klimmen.”

Scholten heeft dus de hele geschiedenis van de survival van Beltrum meegemaakt, inclusief het voortraject. “De eerste twee jaar zijn we over het parcours van de slipjacht gelopen, daarna kregen we te maken met hindernissen. De eerste echte run was in 1989, die was dertig kilometer lang. Ik vond dat wel fijn, want ik houd meer van duurwerk, ben niet zo’n sprinter”, aldus Scholten, die sinds vier jaar alleen maar de survival in Beltrum loopt. “Voorheen deed ik ieder jaar aan tien runs mee. Maar nu start ik alleen hier vanwege de fysieke belasting. Als ik elke maand aan een run meedoe, gaan de jaren wel tellen.”

Doet Scholten tegenwoordig aan aanzienlijk minder runs mee, hij traint evengoed nog redelijk stevig. Hij loopt drie keer per week hard en werkt twee keer per week een survivaltraining af. “En ik fiets veel. Ik ga graag met twee anderen op fietsvakantie. Daarvoor ben ik in onder meer in Japan en Mongolië geweest. Daar gingen we op de bonnefooi naar toe, hebben van tevoren niets geregeld. Voor zoiets moet je wel goed met een kompas kunnen omgaan en goed kunnen navigeren.”

Scholten is voorlopig nog niet van plan het survival-bijltje erbij neer te gooien. “Lichamelijk gaat het me goed. Soms denk ik wel eens aan stoppen, maar aan de andere kant vind ik het nog hartstikke leuk. Dus ik denk dat ik nog wel een paar jaar doorga.”

Gevarieerd parcours

Ook voor deze 35ste editie heeft de Stichting Survival Beltrum een gevarieerd parcours samengesteld. Weliswaar heeft de organisatie vanwege de lage temperatuur besloten dat de deelnemers aan de lange run van 23 kilometer nabij de Lintveldseweg niet de Slinge hoeven te doorwaden, er blijven genoeg uitdagingen voor hen over. Zoals bij de vlakbij gelegen Pinnekesbrug waar de atleten de beek moeten oversteken door over balken te kruipen die met touwen onder aan de brug zijn bevestigd. “Dat is heel zwaar”, zegt vrijwilliger Monique Jeremic die de atleten uitlegt hoe ze deze hindernis moeten nemen. “Je moet die balken naar je toe trekken, pas dan kun je verder. Niet gemakkelijk.”

De atleten die hier mistasten, lopen het risico alsnog in het water te belanden. Dat is ook het geval bij andere plekken waar de deelnemers de Slinge moeten oversteken. Zoals bij de hindernissen 15 en 21 (gelegen bij de kruising Kappermaatsweg-Kooiveldlaan) die respectievelijk slingerend van touw naar touw (met daarna nog een net) en kruipend over de beek gespannen kabels moeten worden genomen. Kans op spektakel dus. En dat is bekend bij de survivalfans die de run in Beltrum vaker hebben bezocht. Ze zijn dan ook in groten getale op deze hindernissen afgekomen. Velen van hen komen op de fiets en leveren dus zelf een behoorlijke prestatie. Niet om de afstand, want die valt nog wel mee. Maar wel vanwege de gladde paden. “Ik ben al een keer gevallen”, is dan ook een opmerking die nog wel eens valt.

Maar niet alleen de hindernissen waarbij de deelnemers de Slinge moeten oversteken, leveren de toeschouwers het nodige kijkplezier op. Ook de hindernissen vlakbij de finish, waarvan een aantal ook voor de deelnemers aan de halve run is bestemd, andere alleen voor degenen die aan de korte run meedoen, staan garant voor spektakel. Met als letterlijk hoogtepunt hindernis 60, de laatste voor de finish. Vrijwel alle deelnemers hebben dan hun kruit al behoorlijk verschoten. Maar aangemoedigd door Stef Beunk en Liesbeth Franz leveren ze nog een uiterste krachtsinspanning om vervolgens opgelucht de finishbel aan te tikken en de tent binnen te gaan voor een aantal versnaperingen.

Die smaken Teun Geessinck uit Eibergen heel goed. Want hij wint het Nederlands kampioenschap op de lange run, een titelstrijd die de Stichting Survival Beltrum heeft toegewezen gekregen vanwege het 35-jarig jubileum. De in Beltrum geboren Geessinck boekt daarmee, na overwinningen in Neede en Leeuwarden, zijn derde zege van dit seizoen en doet goede zaken in het klassement voor 2025-2026. “We werken negen wedstrijden af, waarvan er vijf voor je eindklassering meetellen. Dan is het lekker dat je in ieder geval al drie van die vijf runs gewonnen hebt”, vertelt Geessinck, vorig jaar ook al winnaar in Beltrum. Voor hem en de concurrentie staan er nog drie runs op het programma, die in Gendringen (februari), het Friese De Knipe (eind mei) en Harreveld (medio juni).

Hij heeft er zondag wel wat voor moeten doen, want de afstand met de concurrentie is maar klein. Geessinck finisht in 2.30.05 en blijft daarmee Harm Otteker (2.30.51) en Arjan Veenstra (2.31.57)  net voor. “De concurrentie was groot, want de meeste kanonnen deden wel mee. De hele run liepen acht man vlak achter me. Een aantal had ik al eens verslagen, maar anderen niet”, aldus Geessinck die twee dagen voor de run ook een behoorlijke krachtinspanning heeft geleverd. “Vrijdagavond belandde tussen Beltrum en Eibergen een aantal auto’s in de sloot. Heb ik met een aantal mensen die auto’s eruit gedrukt.”

Heel wat minder tevreden over zijn prestatie is Thom van Capellen uit Mariënvelde, winnaar van de runs van 2023 en 2024. Hij laat een tijd van 2.41.57 noteren en wordt daarmee slechts dertiende. Van Capellen geeft naderhand ruiterlijk toe dat hij niet best heeft gepresteerd. “De tank is leeg, vandaag zat er niet veel in. Ik ben wel eens een kwartier sneller geweest”, aldus Van Capellen, die wel een oorzaak kan aanwijzen. “Ik wil het eigenlijk niet als excuus gebruiken. Maar ik heb sinds drie maanden een kind, dus ik moet mijn energie ergens anders aan besteden.”

De atleet uit Mariënvelde spreekt dan ook van een tussenseizoen, waarin hij niet om de prijzen meedoet. “Dit is niet wat ik wil, maar ik moet het accepteren. De verschillen met de anderen zijn dit seizoen groot en dat is wel eens lastig. Het is schakelen. Hopelijk kan ik volgend seizoen wel weer goed trainen en dan een rol van betekenis spelen.” (bron)

Geen opmerkingen: