Je hebt jeugdtalenten en je
hebt laatbloeiers. Daarnaast heb je de 'zonder-ambitielopers' en de onverwachte
ruwe diamanten die opeens aan het podiumoppervlak komen drijven. Zo’n
onverwacht moment mocht ik afgelopen zondag meemaken.
Om negen uur in de ochtend zat
ik al in mijn hardloopoutfit om 90 minuten later naar de MKW Moore Cross in
Winterswijk te vertrekken. In full-Remimode, want niemand wilde met me mee.
Zodra het asfalt vervangen wordt door gras en zand, haken toch veel mensen af.
Nu hielp het ook niet dat deze cross al een keer verzet was omdat de
Winterswijkse hardlopers van Archeus bang waren voor bevroren tenen. Je zou
denken: winter, vorst, het zou wel eens kunnen sneeuwen, maar bij Archeus
denken ze daar anders over. Maar het is hun feestje en eerlijk is eerlijk: het
is er altijd gezellig en iedereen is vriendelijk.
De avond ervoor had ik Tonnie
Rave nog proberen te activeren – u kent hem wel, het kleine broertje van
top-ultra-atleet Heini Rave, momenteel wat in ruste op de langere afstanden,
die alweer bijna een jaar lid is van AVA. Tonnie barst van de positieve eigenschappen,
maar hij heeft ook een paar wat minder positieve trekjes. Zo kan Tonnie soms
erg stiekem doen over zijn hardloopplannen. Laten we maar zeggen dat hij bij
voorkeur gewoon zijn eigen plan trekt en zich weinig aantrekt van goedbedoelde
adviezen van ondergetekende en zijn oudere broer. Het is wel: hoe langer je
haar is, des te meer Tonnie naar je luistert.
Enfin, na wat ditjes en datjes
was het al snel duidelijk dat Tonnie niet van plan was te gaan lopen. Zijn
voorkeur was een soloduurloopje op rustig tempo. Daar Tonnie regelmatig met
vrouwelijk schoon loopt, vroeg ik nog even of hij helemaal alleen zou gaan,
maar dat was inderdaad het plan.
Tot mijn grote verbazing belde
Tonnie mij iets na negenen. Mijn telefoongesprekken met Tonnie ga ik altijd in
met een bepaalde tactiek. Voordat ik hem de kans geef iets te vertellen, zeg ik
hem al wat hij me gaat vertellen. Dus ik nam op met: “Ah mooi Tonnie, je gaat
dus wel mee naar Winterswijk.” Tonnie, onder de indruk van mijn helderziende
gaven, kon alleen nog maar stamelen: “Ja, inderdaad, maar ik heb geen auto, mag
ik met jou mee?”
Anderhalf uur later stond ik
bij de goedlachse stukadoor annex vastgoedmagnaat voor de deur en reden we
vanuit een mistig Aalten naar Winterswijk. Halverwege brak de zon door en bij
Tonnie verschenen de eerste zweetdruppels op het voorhoofd. De lange broek, het
thermoshirt, de compressiekousen tot de liezen, de elektrisch verwarmde
handschoenen en de bontgevoerde Hoka’s waren misschien toch niet het beste
idee.
Ik vertelde Tonnie dat ik wel
hooggespannen verwachtingen van hem had voor de wedstrijd, omdat hij sinds
begin dit jaar substantieel meer is gaan lopen. Meer dan 50 km per week is
eerder regel dan uitzondering en ik sprak dan ook de verwachting uit dat hij
zeker een minuut sneller dan vorig jaar zou zijn op dit parcours. Tonnie begon
wat te sputteren, want echt racen is niet zijn hobby, maar wanneer de man
eenmaal gevuld is met wedstrijdadrenaline, dan komt ook dat wel goed.
Eenmaal in Winterswijk bleek
er ook een redelijke AVA-delegatie te zijn, waaronder mijn zusje, die arme
Tonnie gelijk een veeg uit de pan gaf omdat hij niet zijn gele AVA-shirtje aan
had. De rest van de Avajanen haakte gelijk in, met als gevolg dat Tonnie later
in de auto bekende het lidmaatschap maar eens in te gaan wisselen voor Team
Monasso wanneer dit gezeur telkens maar door zou gaan.
Tonnie en ik werkten onze
wedstrijd af. Ik de tien kilometer in 43:19 en Tonnie de 5 km in 24:03. Tonnie
was ruim sneller dan een jaar eerder en was tevreden met zijn prestatie, en ik
hoopte stilletjes op een podiumplek bij de M40 achter Harm te Hennepe.
Op het kantoortje bij Archeus
kreeg ik te horen dat ik vierde was geworden en omdat ik Tonnie niet te lang
wilde laten wachten, besloten we weer naar Aalten te rijden. Ter hoogte van
Vivaldi kreeg Tonnie een telefoontje van Ingrid van Zolingen. Waarom hij niet
gebleven was? Want hij was derde geworden bij de M40 en werd gemist op het
podium!
Tonnie greep naar het stuur,
maar gelukkig kon ik ongelukken voorkomen. Eenmaal tot rust gekomen werd Ingrid
gevraagd of zij de beker en de andere prijzen mee kon nemen. Van Vivaldi tot de
Bongenkamp zat er een euforische hardloper naast mij. Zijn eerste prijs,
podium, alle socials werden gevuld met foto’s en statistieken en nog in de auto
stroomden de eerste gelukwensen binnen.
En het is ook niet niks, zo’n
eerste podiumplek. Ik weet nog goed dat Frank Roos mij altijd “net niet” noemde
en ik ben dan ook ontzettend blij dat Tonnie zo vroeg in zijn carrière al
podium heeft gelopen. Maar noblesse oblige: de verwachtingen voor toekomstige
wedstrijden zijn nu hooggespannen. De Gerard te Broke Loop: de familie verwacht
een podiumplek. Koningsloop? Podiumplek voor Tonnie? Kramprun, bij de elites?
En ik bedenk dit niet zelf;
een dag later belde Tonnie mij weer om te vertellen dat hij dacht bij de
Voshaar 5000 én Hans Monasso en Heini Rave eruit te lopen. Ik heb maar gezegd
dat die kans er zeker in zit.
Tegen AVA zou ik willen
zeggen: koester dit talent. Tonnie is de Jutta Leerdam van de hardloopsport in
Aalten. Knap en eigenzinnig, laat zo’n jongen tot bloei komen en leg er niet te
veel druk op.
P.S.: Uiteindelijk bleek er
een fout te zijn gemaakt. Ook ik hoorde op het podium (3e M40) en ook mijn
zusje had de derde plek op de V40 veroverd. Ik ben benieuwd of ik mijn beker
nog krijg.
Hans Monasso
3 opmerkingen:
Een heel mooi stukje. Opkomende winnaar? Zou mooi zijn
Leuk stukje Hans!
Stukje? Boekwerk zul je bedoelen maar wél héél leuk geschreven en gefeliciteerd, ook je zusje!
Een reactie posten