vrijdag 21 augustus 2015

Video van de 1e Boer’n Drek-Run in Nieuw Wehl



Beelden van de jeugdloop van de 1e Boer’n Drek-Run in Nieuw Wehl. De video is gemaakt door Eric Beatse, de Kiekjesdief. Beelden van de volwassenen volgen zo snel mogelijk.

donderdag 20 augustus 2015

Jan Wevers, een mooi afscheid (13)

Jan Wevers, die achterkant ken ik maar al te goed…
Donderdag 20 augustus hebben we op indrukwekkende wijze afscheid genomen van Jan Wevers. Ruim een maand geleden hebben Gerdy en ik op een memorabele zondagmorgen met Jan een mooi gesprek mogen hebben over zijn passie, het hardlopen. Jan op de fiets van Ria, en wij al rennend. Jan was toen al ziek, maar had nog de energie en zin om een eindje met ons op te fietsen. Het was een mooi gesprek, en we vinden het erg mooi en bijzonder dat we een fijn stuksken over Jan hebben mogen schrijven. Een waardevolle, warme herinnering!

In de prachtige afscheidsdienst werd een mooi beeld geschetst van Jan door zijn dierbaren, een beeld dat ons maar al te bekend voorkomt: nuchter, realistisch, geen poeha, aandacht voor de medemens. Vanmorgen heb ik het rondje gerend dat Gerdy en ik samen met Jan gerend hebben op zondag 12 juli. Al hardlopend kwam het gesprek weer naar boven. Zijn bescheidenheid over zijn prestaties, zijn nuchtere, realistische kijk op zijn ziekte. Jan accepteerde het leven zoals het kwam, en stak geen energie in zaken waar hij toch geen invloed op had. Daar waar wel eigen inbreng nodig was, zette Jan zijn schouders eronder met discipline, volharding en realisme. Zoon Emiel bracht dit tijdens de dienst prachtig onder woorden.

Tijdens de ochtendloop moest ik denken aan een column die ik in de vakantie in de Volkskrant gelezen heb. De column ging over de “twenty-four / zeven” – modus, de stand waar we met z’n allen zo langzamerhand in komen te staan. We zijn allemaal dag en nacht bereikbaar, de mobiel staat altijd aan; tv-programma’s die we gemist hebben kijken we terug via uitzending gemist; via Netflix, HBO, via Fox Sport kunnen we de series en wedstijden kijken die je écht gezien moet hebben. Tijd voor rust, voor bezinning of zomaar wat lummelen lijkt er niet meer te zijn. Ongemerkt doe ik er ook aan mee: tijdens de vakantie check mijn mail, ik krijg en verstuur app’jes, kijk of er nog nieuws op facebook staat…Het boek dat ik had willen lezen in de vakantie heb ik niet uitgekregen. En daarnaast maak ik me stiekem naar of wind me op over een werk gerelateerd mailtje of app’je, mijn gezin mag dit natuurlijk niet merken. Tijdens de vakantie – een weekendje Zuid-Limburg – was ik eigenlijk alleen tijdens mijn ochtendloopjes op de Cauberg en Keutenberg niet bereikbaar. Als ik dit zo schrijf, realiseer ik me dat dit toch eigenlijk te bizar voor woorden is.

Jan had een wijsheid en een rust over zich waar we met z’n allen nog veel van kunnen leren, mezelf voorop. De kop niet gek laten maken, genieten van de kleine dingen, tijd nemen voor een goed boek of gesprek. En zo rennende en prakkiserende deze ochtend prees ik mezelf gelukkig dat ik Jan Wevers heb mogen leren kennen: een wijs man, met een goeie kop en een mooie hoed!

In de afscheidsdienst werd ik verrast door het Desiderata, voorgelezen door zoon Yannic. Desiderata – ik heb het opgezocht – is Latijn voor "verlangde zaken" en is een gedicht uit 1927 van de Amerikaanse schrijver Max Ehrmann (1872–1945). Wat een prachtig gedicht en een prachtige wijsheid, de 10 geboden zijn er niks bij! Bedankt hiervoor!

Als social-media-junk en als workaholic heb ik me een jaar of 3 geleden bedacht dat hardlopen misschien wel eens goed voor me zou kunnen zijn. Fijn de kop los lopen, in het zweet des aanschijns. Sindsdien heb ik mooie mensen ontmoet, waarvan Jan een hele mooie is. Als het me nog niet zo goed lukt om de zojuist verworven wijsheden van Jan te implementeren in mijn eigen doen en laten, loop ik gewoon weer het rondje over de Haart dat we met Jan gelopen / gefietst hebben. Natuurlijk heb ik een ander karakter dan Jan, maar als ik het rondje maar vaak genoeg ren, en Jan rent in gedachten mee, dan slijten deze wijsheden allicht vanzelf in mijn wat “rospelig” gemoed. 

Tijdens de dienst werd er mooie muziek gedraaid, waar onder Forever Young van Alphaville. Er schoot mij een andere Forever Young binnen, van Bob Dylan. Ik heb deze versie vanmiddag even bekeken, uitgevoerd door het bijzondere koor Young & Hart, neem even de tijd om dit te beluisteren: De tranen biggelden over mijn wangen.

Ik hoop van harte dat Ria, de kinderen, broer en zussen en niet te vergeten de ouders de mooie zomer kunnen koesteren en daar de kracht uit kunnen putten om de draad weer op te pakken. Ik zal zwaaien en aan jullie denken als ik langs de boerderij ren!

Column: Erwin’s zin en onzin - deel 95

Jan Wevers
Jan was gewoon een goeie kerel!

Zo trots als een pauw passeer ik de finish. Er verschijnt een glimlach van oor tot oor die deze avond met geen mogelijkheid meer van mijn gezicht verdwijnt. Het is dinsdag 7 juli 2014. Ik verpulver tijdens de GUV Zomeravond Run mijn persoonlijke record op de tien kilometer met ruim anderhalve minuut. Deze verbetering is niet het enige lichtpuntje van deze avond. Er is nog een reden voor mijn euforie: ik heb eindelijk die ‘onverslaanbare’ Jan Wevers verslagen!

Ik ben sinds de nazomer van 2002 lid van Ava’70. Vrijwel direct ben ik begonnen met het lopen van wedstrijden. Oké, ik ben geen veelwinnaar en toegegeven, ik ben ook alles behalve een topper, maar in regionale wedstrijd doe ik, zo nu en dan, toch leuk mee. Het lukt me alleen maar niet om die ‘verrekte’ Wevers te verslaan. Mijn ‘winst’ tijdens de Zomeravond Run is een incident. Bij de wedstrijden die daarop volgen trekt Jan steeds weer aan het langste eind. Om knettergek van te worden.

Dit jaar merk ik dat het ijzersterke raspaard wat mankementen begint te vertonen.  Hij loopt nog amper wedstrijden en ook bij de trainingen is hij de grote afwezige. Op zaterdagmiddag 6 juni, tijdens de wedstrijd om de 3e en 4e plek van het straatvoetbaltoernooi, hoor ik dat Jan ernstig ziek is. Het eerste wat ik denk is: “ach na die twee niertransplantaties zal die ook dit wel overwinnen.” Twee maanden later blijkt niets minder waar. Op 24 juli lees ik in de lobby van het A&O-hostel in Praag het prachtige portret van Rinke ter Haar. Met een brok in m’n keel droom ik weg in het verhaal. Ik merk dat ik die nacht – in de slaaptrein naar Krakau – een beetje onrustig ben. Het verhaal laat me niet los en ik heb moeite om de slaap te vatten.

Ik word altijd wat ongemakkelijk als mensen spreken over overledenen. Het valt mij namelijk op de doden vaak veel meer eer krijgen dan zij verdienen. Een nare zelfingenomen man wordt bij zijn uitvaart plots ‘sympathiek’ genoemd en een asociale alcoholist wordt ineens liefkozend als ‘levensgenieter’ weggezet. Over de doden niks dan goed toch?

Voor Jan maak ik graag een uitzondering. Het is geen man waar je alle superlatieven voor uit de kast hoeft te halen. Jan was een prototype ‘no-nonsense’. Vriendelijk, geïnteresseerd en realistisch. Je zult niet struikelen over de sappige anekdotes of de geestige oneliners, maar daar gaat het ook niet om. Jan was gewoon een goeie kerel. Omdat ik Jan niet treffend genoeg kan omschrijven, citeer ik de prachtige tekst van de rouwkaart.

“Jan, een opvallende boer, door onopvallendheid. Een leven gekenmerkt door hoogte- en dieptepunten. Veel overwonnen met ingebouwde kracht, blijven genieten van alles. Aanvaarden dat het ‘leven’ je overkomt en maken wat er van te maken valt”

Jan, het ga je goed! 

woensdag 19 augustus 2015

Trailrunning in Noorwegen

Prachtige natuur in Noorwegen 
Net terug van een geweldige vakantie met het gezin in Zweden en Noorwegen. Wat een Walhalla voor natuurliefhebbers en trailrunners in het bijzonder ! Vooral Noorwegen is geweldig mooi en gevarieerd qua natuur. Een rustige rondreis met de auto is dan ook perfect om met het gezin overdag de verscheidenheid aan natuur de ontdekken. Van de golvende graanvelden in het zuidoosten naar de ruigte van de bergen en hoogvlaktes in de buurt van Oppdal en dan afbuigend naar het zuidwesten om ook nog wat van de fjorden mee te pakken bij Flåm. Vervolgens naar het zuiden en via Denemarken weer naar huis.

Naast het rondreizen en onderweg van alles bekijken en doen, bleef er gelukkig ook nog tijd over om wat de natuur in te trekken. Ik had niet voor niets mijn tas met trailspullen als eerste ingepakt. Weliswaar geen tochten van 4-5 uur, maar een 2 tot 2 1/2 uur was vaak nog wel mogelijk tussen inchecken in het hotel van die dag en het avondeten. We hadden gelukkig mooi weer, niet warm maar  wel zonnig en helder. Geweldig voor de uitzichten en de foto’s

Meestal kwam het er op neer dat het hotel gelegen was in het dal en dat ik dan een weggetje zocht naar de dichtstbijzijnde top die haalbaar was binnen de tijd die ik had. De eerste training was kort en hevig, met een gravelweggetje dat naar de hoger gelegen skipiste voerde. Vandaar dacht ik via de skipiste, die immers op wat schapen na volkomen verlaten was, even naar de top door te stampen. Dat was echter niet zo gemakkelijk als gedacht. Geen trail omhoog, alleen stenen en laag struikgewas waar je je een weg door mocht banen naar boven. Powerhikend omhoog met een flinke hartfrequentie is een prima training kan ik je vertellen. Eenmaal bovenaan bij het hoogste skilift station kon ik even genieten van het uitzicht. Dat klimmen kostte echter meer tijd dan gedacht en dus moest de afdaling vlot om tijd terug te winnen en op tijd te zijn voor het eten. Dat ging een stuk beter dan klimmen, maar de volgende dag moest ik daar wel voor betalen in de vorm van stevige spierpijn in de bovenbenen en billen.

Na een dag rust om de spierpijn weer te laten zakken kwamen we bij een hotel in Lom. Ik had van tevoren al gezien dat ook daar een route te lopen was naar de top van een berg. Deze route was echter maar kort, een km of 9. Op de kaart zag ik echter de hoogtelijntjes angstwekkend dicht bij elkaar liggen, dat werd vast een flink steile klim. Stokken mee dus. De dame achter de receptie was helemaal enthousiast toen ik vertelde van mijn voornemen en had zelfs nog een kaart voor me met de route. Noren zijn helemaal gek van buiten sporten en staan dan ook nergens van te kijken. Ze gaf me nog wel de tip om de route in omgekeerde richting te doen dan waarin deze gepijld was. Een nuttige tip zou later blijken.

Vanuit het het hotel was het een kleine twee km rennen via een goed aangegeven route tot waar de klim echt begon. Die twee km was nog redelijk hardlopend te doen, maar eenmaal bij de berg was het afgelopen. Een kronkelpaadje voerde zo ongeveer recht omhoog, met een stijgingspercentage van tot wel 40%. Dat was harken en duwen met de poles en van steen naar steen omhoog stappen. Het leek meer een natuurlijke trap dan een pad. Zo af en toe moest ik even de hartslag wat laten zakken en keek ik even om me heen naar het geweldige uitzicht. Onderin het groene dal zag ik de rivier met meerdere kleuren blauw in het zonlicht, als gevolg van de vele mineralen die het uit de bergen mee. Helaas is dat uitzicht op geen enkele foto te pakken te krijgen, maar ik neem het mee in mijn herinnering.

Hoewel het blijkbaar een veel gelopen route was, was het heerlijk stil op de berg. Er kwam me welgeteld één gepensioneerde Noor voorbij snellen alsof ik stilstond en verder zag ik op de top nog een moeder met een zoontje van een jaar of 14 die rustig hun boterhammetje oppeuzelden voor de weer naar beneden gingen. Het buitensporten wordt er al jong aangeleerd en ze gaan er mee door zo lang ze kunnen blijkbaar. Terwijl ik afdaalde was ik blij met de tip van de receptioniste, ik hoefde nu minder steil af te dalen dan ik omhoog geklommen was. Wel zo prettig met bovenbenen die al flink op de donder gehad hebben.

Terwijl ik naar beneden dribbelde en stenen en gaten zoveel mogelijk probeerde te ontwijken bedacht ik me nog dat dit toch een rotplek zou zijn om te vallen, ik kon nl. een heel eind schuin naar beneden kijken. Als je daar naar beneden rolde kon het wel even duren voor je weer tot stilstand kwam. Beetje voorzichtig doen, maar wel met opperste concentratie en vol overtuiging dalen was het devies. Af en toe stoppen om even van het uizicht te genieten en rustig te kijken hoe de route verder ging. Toch ging het, met nog maar een klein eindje te gaan, bijna mis. Een steen waar ik op stapte bleek los te liggen en ik ging door mijn enkel. Bij het vallen landde ik met mijn stuitje recht op een steen. Wat doet dat ongelofelijk pijn. Na een tijdje wrijven zakte het wat en kon ik voorzichtig opstaan. Mijn enkel voelde ik niet eens, zoveel last had ik van mijn stuitje. Maar ik moest toch van de berg af en ik wandelde maar een stukje naar beneden. Gelukkig zakte de pijn nog tot een redelijk dragelijk niveau en kon ik de laatste paar kilometer naar het hotel dribbelen. 10 km in 2:30 uur… dat is ook een soort van PR denk ik. De receptioniste vond het een prima tijd voor een ‘dutch guy’, het was immers een hike van 5 uur. Haar eigen tijd op de route verzweeg ze beleefdheidshalve (hoewel ze wel zei dat ze hem al meerdere keren gedaan had), maar volgens mij kon zelfs die gepensioneerde Noor die me inhaalde het wel een uur sneller… Maar ik had ongelofelijk genoten en daar ging het tenslotte om.

Na een dag met wat andere activiteiten kwamen we bij het laatste hotel waar ik nog loopplannen had. Niet zo hoog en steil als in Lom en dat was maar goed ook. Mijn stuitje deed nog dusdanig pijn dat ik niet echt steil omhoog kon rennen, maar naar beneden en vlak ging redelijk. Helaas was hier geen uitgezette route, maar  waren er wel een aantal paden die ik op mijn trouwe Garmin Edge kon volgen. Powerhikend op de steile paden omhoog en waar het kon in een voorzichtig dribbeltje was ik na een paar keer afslaan en zigzaggende paadjes in het bos alle gevoel voor richting bijna kwijt. Maar goed dat ik die Garmin bij me had, anders was ik vast niet meer terug gekomen. Nu kon ik echter rustig de route volgen die ik bedacht had. Ondertussen rustig een handjevol bosbessen plukken en eten, die groeiden daar welig.

Ineens was ik toch de trail kwijt. Na een stukje over een plaat graniet, waar in het voorjaar waarschijnlijk een waterval overheen liep, zag ik het vervolg niet meer. Na even zoeken tussen het woekerende struikgewas besloot ik dan maar een stukje dwars door het bos te steken, dan moest ik vanzelf het pad weer kruisen. Door de omgevallen bomen, bosbessen en heidestruiken en de plaggen mos zag je de bodem bijna niet en was het dus gokken hoe je voet zou landen, op een steen of in een gat. Na een paar honderd meter ‘bushwacken’ kwam ik inderdaad weer op de trail en kon ik mijn weg vervolgen. Op zo’n moment ben je echt blij met GPS… Het eind van het avontuur was bijna in zicht, maar nog niet voorbij. Een simpel uitziend sprongetje over een stroompje landde jammerlijk in het water doordat een stapsteen gladder was dan deze leek. Gelukkig had ik nog een paar kilometer  om wat op te drogen, anders had ik met goed fatsoen het hotel niet in kunnen lopen met druipende kleren. 

Lopen in onbekend vakantiegebied is toch de mooiste manier om een land echt te leren kennen. Het ruikt anders, het klinkt anders en het voelt anders dan thuis. Naast een aantal wandelingen, kanovaren en klimmen in een geweldig klimbos kwam ik deze vakantie maar op 3 keer trainen. Dat leverde slechts 32 km op in afstand, maar dan wel met ruim 1900 hoogtemeters in vaak redelijk onbegaanbaar terrein… Totale looptijd was dan ook ruim 6 uur. De spierpijn van het klimmen is inmiddels al weer weg en de mooie herinneringen overstemmen mijn gevoelige stuitje. Wat een geweldige vakantie, wat een geweldig land. Ik kan het iedereen aanbevelen.

Andre Bleumink

maandag 17 augustus 2015

Route 16: Borculo - Landgoed Beekvliet, de Slinge en de Lebbenbrugge

In de afgelopen jaren heb ik veel routes door het prachtige Achterhoekse landschap gelopen en een aantal hiervan wil ik graag met jullie delen. Ik probeer de komende tijd iedere maand een route hieraan toe te voegen, uiteraard ook geschikt om te wandelen. Opmerkingen of aanvullingen hoor ik graag.

Vandaag de 16e route uit deze serie: Deze tocht laat de Achterhoek op z’n mooist zien. Landgoed Beekvliet bestaat uit een combinatie van bos en boerenland. Het kampenlandschap met zijn verspreid liggende boerderijen is hier na 1850 nauwelijks veranderd. In het bos staan veel zomereiken, die rond 1840 zijn aangeplant. In boerderijmuseum De Lebbenbrugge valt veel te zien over de omgeving, maar het meest bijzonder is toch wel het bord dat buiten aan de muur hangt met de tarieven voor de tol die vroeger werd geheven bij de overgang van de Slinge. “Een passagier die den weg te voet gebruikt” hoefde “niets” te betalen. Namen als Galgenveld en Galgenkamp herinneren aan de tijd dat hier nog rechtgesproken werd door de heren van Borculo

Route 16: Een route ten westen van Borculo over Landgoed Beekvliet, de Slinge en de Lebbenbrugge
Afstand: 11,0 kilometer
Start:Parkeerplaats Galgenkamp, kruising Lebbenbruggedijk en Galgenveldsdijk - 7271 SB Borculo
Bewegwijzerd: Nee
Afkortingen: LA Linksaf, RA rechtsaf, RD rechtdoor
Foto's van de route: fotoalbum
GPX bestand van de route
Laatst aangepast: 4 december 2020
Klik hier voor alle wandel- en hardlooproute's in de omgeving van Aalten

01.Vanaf de parkeerplaats RA, brede zandweg
02.Op kruising met Oude Schooldijk RD, Galgenveldsdijk vervolgen, nu klinkerweg
03.Bij voorrangsweg oversteken en RD, nog steeds Galgenveldsdijk
04.Op driesprong met pad naar links RD en iets links aanhouden, smal voetpad langs bordje 'Opengesteld', het paadje loopt parallel aan de weg
05.Je komt uit op klinkerweg en direct daarna in de bocht van asfaltweg links tussen boerenschuren door (Heure) 
06.Bij boerderijnummer 9 weer klinkerweg, meebuigen naar rechts, klinkerweg volgen tot houten hek
07.Bij het houten hek links aanhouden, smal paadje langs bordje 'Opengesteld'
08.Pad met bocht naar links volgen, bij Y-splitsing rechts aanhouden
09.Op driesprong voor water RA, even verder passeer je Huis Beekvliet
*Langs de laan naar huize Beekvliet staan enkele nog oudere zomereiken. Het huidige huis dateert van 1902 en is een opvolger van een huis uit 1840 waarvan het koetshuis nog bestaat. Het huis is als zomerhuis gebouwd bij de samenvloeiing van de Berkel en de Slinge.
10.Aan het eind LA brug over de Slinge over en RD, klinkerweg
11.Op driesprong waar klinkerweg naar links buigt ga je RA, breed onverhard pad 
12.Ongeveer 100 meter voor boerderij Dijkhof LA, smal paadje, dit smalle paadje vervolgen over een sloot heen
13.Je komt uit op een breder karrenspoor en gaat LA 
14.Kort daarna het eerste pad RA en direct daarna op Y-splitsing links aanhouden, smaller paadje in bosrand
15.Op veelsprong bij twee grote bomen en bankje ga je RA
16.Aan het eind op brede zandweg met fietspad RA
17.Waar de weg een bocht naar rechts maakt bij een bank ga je LA, smal paadje
18.Fietspad en weg oversteken en RD langs bordje van Natuurmonumenten, smal paadje langs bosrand
19.Dit paadje komt uit op brede zandweg, hier RA, zijwegen negeren
20.Op kruising met andere zandweg RD, nu Muldersweg
21.Zandweg gaat bij boerderij Boskamp over in halfverharde weg
22.Aan het eind LA asfaltweg (Bosheurneweg), volgen langs boerderijen
23.Na nummer 6 aan je rechterhand op driesprong links, zandweg
24.Aan het eind op brede zandweg even links en direct daarna RA, onverhard pad langs bordje 'Beekvliet' van Staatsbosbeheer
25.Dit paadje slingert over een heideveld. Het pad met een bocht naar rechts om de heide volgen
26.Over een planken bruggetje en nu steeds dit pad blijven volgen
27.Ook op driesprong met houten bruggetje aan je linkerhand RD langs de bosrand
28.Aan het eind op brede zandweg LA
29.Op splitsing waar de brede zandweg naar rechts draait, ga je LA langs een bordje 'Beekvliet' en direct daarna RA, smal voetpaadje
30.Dit paadje steeds met bochten blijven volgen. Aan het eind daalt het af en kom je uit op een breder pad, hier ga je RA
31.Aan het eind bij hooikappen en schaapskooi Beekvliet op klinkerweggetje RA, klinkers gaan over in betonplaten
*Bij het zien van de twee oude hooibergen en de oude schaapskooi is het alsof de tijd stil is blijven staan. Schaapskooi Beekvliet is in het begin van de 19e eeuw gebouwd. Toen de heidevelden verdwenen en daarmee ook de schapen begon de kooi in verval te raken. De sterk verwaarloosde kooi is in 1983 in opdracht van het Staatsbosbeheer gerestaureerd. Het open vlechtwerk werd bij schaapskooien niet met leem dicht gesmeerd. Dit was van belang voor de ventilatie in de kooi. Wel werd nog gras of stro tussen de twijgen gestoken.
32.Op kruising naar Palsenborgweg 1 RD betonplaten vervolgen
33.Op driesprong bij P-23063/001 LA (Lebbenbruggedijk) brede zandweg met fietspad
34.Op splitsing bij P-21240/001 links aanhouden
35.Palsenborgweg naar links negeren en RD brug over de Slinge over, je passeert museum De Lebbenbrugge
*Galgenhumor - De brug over de Lebbinkbeek vormde ooit de scheiding tussen de heerlijkheid Borculo en het scholtambt van Lochem. Wie vanuit het westen de heerlijkheid betrad werd vrijwel direct met de galg geconfronteerd: een gewaarschuwd mens telt voor twee! De naam van het zwembad en het heideveldje even verderop ‘Galgenveld’ houden de herinnering aan deze vroegere rechtspraak levend. De heren van Borculo hadden tot het eind van de 18e eeuw het ‘hoge recht’ om de doodstraf uit te spreken.
*Het hoofdgebouw van Tol-Boerderijmuseum de Lebbenbrugge is een lös hoes of hallenhuis. Het zwarte stenen voorhuis, de herberg, is er als dwarshuis voorgebouwd. Hier werd vanaf 1679 tol geheven bij de overgang van de Slinge. Het tarievenbord hangt er nog. De Lebbenbrugge is in 1939 gerestaureerd en ingericht als een boerderij van honderd jaar geleden. Eenmaal binnen in deze typische streekboerderij kun je een idee krijgen van het boerenleven rond het jaar 1875.
36.Op driesprong bij P-21238/001 RD, Lebbenbruggedijk vervolgen
37.Je passeert 't Galgenveld en daarna neem je de eerste weg LA, Galgenveldsdijk, je bent weer terug bij de parkeerplaats
*Het Galgenveld, heeft zijn naam gekregen omdat de beul er vroeger zijn lugubere beroep uitoefende. Hier hielp men ter dood veroordeelde misdadigers naar de andere wereld.

zondag 16 augustus 2015

Verslag van de 1e Sommerlauf in Bocholt (D)

De start van de 1e Sommerlauf in Bocholt (D)
Wettermäßig hatten wir uns das für die Premiere unseres Sommerlaufs eigentlich etwas anders vorgestellt. Dauerregen stand dabei nicht wirklich auf unserer Wunschliste. Umso erfreulicher war, dass pünktlich um 10.00 Uhr dennoch 10 motivierte 2er-Teams am Start in der Dingdener Heide standen. Und wie das manchmal so ist - trotz, oder vielleicht auch gerade wegen der äußeren Umstände - haben wir ausnahmslos in freudige Gesichter geblickt. Ja, es wurde sehr matschig auf den Waldwegen und ja, am Ende der 10KM langen Runde gab es sicher kein trockenes Kleidungsstück mehr am Körper. Aber wir hatten den Eindruck, dass sich die Aktiven davon nicht beeindrucken ließen und das Laufen einfach genossen haben. 

Neben einigen Läufern unseres LEX BOCHOLT RUNNING TEAMS hatten sich auch Teams von AVA´70 aus Aalten eingefunden. Mit Stefan Ritte und Marcel Eckers vom LAZ Rhede waren die Favoriten für den Sieg unserer Laufpremiere dann auch schnell ausfindig gemacht. Aber Zeiten standen an diesem Tag nicht im Vordergrund, sondern einmal mehr die Erkenntnis, dass Laufen wirklich bei (fast) jedem Wetter riesigen Spaß macht. In diesem Sinne freuen wir uns schon auf eine Neuauflage im nächsten Jahr - vielleicht ja ohne Regen wink-emoticon

Ergebnisse 1. LEX BOCHOLT RUNNING TEAM Sommerlauf (10KM)
1. Stefan Ritte/ Marcel Eckers (LAZ Rhede): 37:31min.
2. Erwin Wamelink/ Björn Weier (AVA´70, LEX BOCHOLT RUNNING TEAM): 44:33
3. Eric Hoogerbrug/ Andre Bleumink (AVA´70): 46:54
4. Martin Brandenburg/ Markus Niewerde (LEX BOCHOLT RUNNING TEAM): 47:54
5. Rainer Schneiders/ Klaus Knaack (LEX BOCHOLT RUNNING TEAM): 48:02
6. Andre Balke/ Inez Balke (AVA´70): 48:24
7. Andreas Stockhausen/ Malte Stockhausen ("Die Stockies"): 53:59
8. Patrik Ikink/ Sabine Ikink (AVA´70): 55:58
9. Annegret Thielkes/ Bernhard Essing (LEX BOCHOLT RUNNING TEAM): 59:23
10. Melanie Behling/ Sandra Busack: 1:08:21

Toll, dass ihr dabei gewesen seid!!
Het duo Hoogerbrug/Bleumink

Henrie Drenthel loopt Trail des Fantomes in La Roche(B)

Henrie Drenthel
Summertrail, Summertrail, Sumsumsummertrail….

Deel 2 :16 augustus 2015: Trails des Fantômes

Na een geslaagde Eigertrail (zie deel 1) trokken we vanuit Zwitserland via Liechtenstein en Noord-Italie door naar Oostenrijk. Hoofdstop van onze vakantie aan de prachtige Faaker See op ca. 500 meter hoogte. Rondom volop bergen dus er kunnen lekker veel hoogte meters gemaakt worden in voorbereiding op de Trail des Fantomes (TdF) wat de afsluiting van de vakantie zou worden. Ik had daar nog een revanche in gedachten na de DNF bij 75 km vorig jaar. Tussen de beide wedstrijden in heerlijk zo’n 225 kilometer afgelegd met ruim 11.000 hoogtemeters. Als dat geen voorbereiding is. Via het onderkomen van Hitler in Berchtesgaden, het Bayrische Wald en het Schwarzwald komen we donderdags voor de TdF aan in La Roche op de camping. Op vrijdag alvast een gedeelte van de route verkend, start en finish gedeelte over ca 15 km en het parkoers ligt er (nog) goed bij.

Zaterdags vanaf 14.00 uur het startnummer ophalen en als ik die rond 15.00 uur in mijn bezit heb begint zo’n beetje ook de grote, lange regen. Bah, het is weer hetzelfde als vorig jaar toen André en ik ook de middag er voor in de regen zaten. In tegenstelling tot vorig jaar houdt de regen nu rond 22.00 uur op en wordt het (gelukkig) droog. Dit jaar is er niet de 100 km (had ik anders toch ook maar niet gedaan), die is er maar eens in de drie jaar, maar gekozen voor de 53 km met ruim 2000 hoogtemeters. Dus ook nog knap wat arbeid te verzetten.

Zondagmorgen 7.00 uur is het vertrek vanuit de tuin van hotel Floreal en ik begin behoudend aan de race. Weet wat er nog komt dus niet te veel energie aan het begin verspillen. Het gaat als een tierelier en de eerste twee uur vliegen om. Juist op dat moment bedenk ik me dat ik hier vorig jaar nog in het donker liep en dat het nu toch wel een stuk eenvoudiger is met daglicht. Heb het nog niet gedacht of ik schiet onderuit op een grote glibberige rots en val op m’n rechterzij en schiet door tot tegen een boom. Moet er kolderiek uitgezien hebben denk ik maar na wat poetswerk valt de schade gelukkig mee. Licht gekneusde ribben, zwaar gekneusd ego en wat schaafwonden. Had erger gekund.
Het verdere afdalen gaat na deze smakkerd niet veel vlotter en gaat nog houteriger en voorzichtiger, ik zal dat dus wel nooit leren.

Plotseling beginnen enkelen uit het groepje waar ik achteraan in mee loop zich op de benen te slaan en ook ik voel ineens dat ik op m’n kuit gestoken wordt en mep net zo hard mee. Bleek een zwerm horzels of aardwespen te zijn geweest die aardig agressief waren. De steek jeukt enorm en tijdig wordt de aandacht voor de zere rib en het moeilijke ademhalen verlegd naar de kuit. Gelukkig komt vlak hierna de eerste doorwading door de Ourthe, wat verfrissend is voor de beentjes en de jeukende plek.

Hierna komt het middelgedeelte van de trail. Op papier/profiel het gemakkelijkste maar in de praktijk uiterst moeizaam. Korte steile klimmetjes en afdalingen (40%!), glibberige boomwortels in combinatie met rotsen/stenen. Kortom, net als vorig jaar schiet dat niet op. Na zo’n 4 ½ uur kom ik op het punt aan waar ik vorig jaar de strijd heb moeten staken. Voelt nu een stuk beter al voel ik langzamerhand wel alle (hoogte)meters van de afgelopen weken en weet dat het nog een taai stuk wordt. Nog 25 km te gaan met daarin eerst nog een stuk langs de Ourthe en daarna nog een viertal steile beklimmingen (en dus ook afdalingen).

Het stuk is inderdaad niet zo moeilijk als de eerste helft en ik kan redelijk blijven gaan en kom redelijk fris bij de laatste verzorging in Maboge aan. Hier wacht de laatste serieuze klim van vandaag, de ‘Muur van Maboge’. Volgens vele Facebook-verhalen van deelnemers met stukken van 40%. Wat het precies was weet ik niet maar dat het steil was en pijn deed weet ik nog wel. Eindelijk boven moet ik even uithijgen en begin aan het laatste stuk over de bergkam richting finish. Dit ken ik nog van de wandeling van vrijdag en weet dat het meeste leed geleden is. Even nog een mooie afdaling in het bos bij de camping en dan de Ourthe voor de laatste keer over. 

Aan de overzijde staat mij een verassing te wachten; Claudia met hond wachten me op bij de tuin van Floreal, dus nog even een eindsprintje voor de foto. Eindtijd 8.30 uur en een plaatsje in de middenmoot. Ben best tevreden, maar mijn lievelingsparkoers zal het wel nooit worden. Na afloop even lekker een cooling-down met een biertje in de Ourthe en een BBQ als afsluiting van de vakantie. Nu eerst twee weekjes rustig aan doen en dan nog het najaarsprogramma met een viertal trail-marathons waarover later meer.

Groeten,  Henrie

Road to Marathon van Rotterdam 2016 - deel 3

De familie Demkes in Oostenrijk
Katja en Björn Demkes doen in april 2016 mee aan de Marathon van Rotterdam en trainen op een schema van Greg van Hest. Via dit blog geven ze iedere maand een update van hun ervaringen en vorderingen, vandaag deel 3.

Vakantie Oostenrijk

We ontvangen ons 4 weken schema van Greg van Hest. In de bergen mogen we het wat rustiger aan doen. Dat is mooi om te horen. Als ik de trainingen bekijk, vraag ik mij af welke training dat dan moet zijn. We mogen elke dag aan de bak. Bjorn en ik hebben er wel zin in. Ook in de rest van de vakantie. Na een lange rit in de auto met veel file onderweg komen we aan in het plaatsje Wagrain. We parkeren de auto en lopen naar het VVV kantoor toe. Ik ben meteen buiten adem en denk krijg nou wat, ik lijk wel een bejaarde. Buiten adem komen we aan bij het VVV kantoor. Gelukkig hier kunnen we weer op adem komen.

Aankomst Appartement Amadeus. Tuurlijk we zitten helemaal bovenin het appartement. We hebben de bovenverdieping. De kinderen moeten de overloop over om op hun eigen kamer uit te komen. Die vinden het geweldig. Onze gastvrouw Wilma is ook helemaal buiten adem. Ik versta haar Oostenrijks amper. Gelukkig spreekt Bjorn vloeiend Oostenrijks. Het gaat helemaal goedkomen.

Maandag EASY RUN 40 minuten.
Bjorn en ik gaan om 07:00 uur trainen. Mooi koel buiten en we gaan even het dorpje verkennen. Dat even laat maar achterwege. We moeten alleen maar klimmen. Helemaal kapot en gesloopt komen we na 40 minuten terug. Nou hoop echt dat er ergens een vlak stuk is. Rond 08:00 uur terug, douchen en de broodjes en en beleg staat al voor onze deur. Lekker ontbijten. De kinderen slapen ook nog. Die hebben niet eens gemerkt dat we even weggeweest zijn. Zo zal het de hele week wel gaan lopen. Verder vandaag de Grafenberg op geweest. Naar boven met de skilift en daarboven heerlijk wandelen. Als we terugkomen bij het appartement sta ik voor de ingang en raak ik in gevecht met een wesp. Ik begin om mij heen te meppen en struikel of vergeet het opstapje. Ik val met een keiharde smak het appartement binnen en kom boven op mijn linkerknie terecht. Ik ben zo boos en aan het schelden en vloeken dat de kinderen en Bjorn niet eens durven te lachen. Verder zakt mijn boosheid later wat af en kan mijn gezin er hard om lachen en begekken ze me nog even. Hopen dat de pijnklachten niet erger worden.

Dinsdag Tempo's 10x300 m
Omdat het nergens vlak is besluiten we om in het plaatsje Wagrain op het voetbalveld de 300 metertjes te gaan lopen. Dit verloopt soepel. Als we weer klaar zijn en terug zijn in ons appartement ziet Bjorn dat hij er eigenlijk 15 moest ipv 10. Hier baalt hij van. Ja dat hebben lopers ook dat ze balen als ze niet volgens het schema werken. Zou je hierdoor minder snel worden. Je kent het wel. De hele dag is dit aan Bjorn te merken. Verder gaan we een andere berg op vandaag met de skilift en gaan we deze weer naar beneden wandelen. Hier hebben we alle vier ontzettende spierpijn van in de billen.

Woensdag Easy Run 40 en 50 minuten.
Vandaag gaan we een keer op het heetst van de dag rennen. Omdat het hier ook boven de 30 graden is dachten we dat maar eens te gaan doen. Ik hou helemaal niet van lopen in warm weer. Ook gaan we het plaatsje Wagrain verlaten en rennen we richting Moos. Dit is alleen maar heuvel op. Ik heb ontzettende last van mijn knie en zie het echt niet meer zitten. Na 3 kilometer voelt mijn knie wat beter aan en is het klimmen ook over en kan ik gewoon doordribbelen. Na 20 minuten gekeerd en teruglopen naar Wagrain. Verder de hele dag heerlijk naar het zwembad geweest en besloten om niet meer op het heetst van de dag te gaan lopen.

Donderdag Tempo's
Om 06:30 uur vertrokken. We vinden mooie heuveltjes en Bjorn mag er 24 keer aan op rennen en ik 19 keer. Ik zet de strepen uit zodat Bjorn vast kan beginnen. Dat ik dat ook doe he. Maar goed de training verloopt goed. Geen knieklachten en tevreden weer terug naar het appartement. Vandaag is het zo warm dat we de hele dag naar het zwembad gaan. Verder niks meer gedaan dan liggen en afkoelen in het zwembad. En Wespen wegslaan. Wat zijn er veel. Verder van de prachtige uitzichten in de bergen genieten.

Vrijdag EASY LONG 80 en 90 minuten.
Wederom om 06:30 uur vertrokken. Via Wagrain eerst weer die 3 klote kilometers klimmen, mijn knie voel ik niet, dat is een goed teken. Buiten adem kom ik in Swaighof aan. De 3 kilometer klimmen eindigt boven op een heuvel. Ik moet echt bijkomen. Het lijkt wel of ik zware bronchitis heb, zo hard adem ik in en uit en het voelt alsof ik 3 pakjes drum met vloei heb gerookt. Ik begin te hoesten. Gelukkig trekt het gauw weer weg en loopt de run heerlijk en kan ik nu echt genieten van de uitzichten en in de verte zie ik een groen stipje van mien man. Ik kom net niet in Flachau aan, ik keer me na 40 minuten en ren weer terug naar Wagrain. Bjorn komt wel in Flachau aan en kan dan ook weer omkeren.
Mooie training. Verder vandaag naar de Liechtensteinklamm geweest met de kinderen en naar de Rodelbaan. Ook een succes. Daarna toch weer naar het zwembad. Het blijft hier boven de 30 graden.

Zaterdag 3x 2500 meter.
De laatste training van deze week gaan we ook weer richting Wagrain. Je kunt niet echt de versnellingen doen omdat het heuvelop gaat en weer heuvel af. In mijn hoofd klinkt telkens dat je het rustig aan mag doen en dat je de tempo's niet hoeft te halen. Dit sleept mij door de training heen. Verder geen last meer gehad van mijn knie. Bjorn ging de training ook goed af. Vandaag nog weer naar de Rodelbaan geweest en het zwembad.

Mooie vakantie. Met zware pittige en mooie trainingen. Heerlijk ongezond gegeten de hele week en mooi weer gehad. Wat wil je nog meer. En geweldige uitzichten. Zondag terug naar huis. Geen training vandaag, alleen maar in de auto zitten en weer in de file staan. Het was een prachtige week. Hopen dat we een beetje progressie hebben geboekt in de bergen.

Groeten Katja 

vrijdag 14 augustus 2015

Voor Jan Wevers telde alleen kwaliteit

Jan Wevers, Hij was geen prater. Hij luisterde liever en stelde vragen (foto Arnold Joost)
Voor hem telde alleen kwaliteit
FRANS DIJKSTRA 

Jan Wevers 1959-2015
Als geoefend marathonloper spreidde hij zijn energie tot aan het einde. Hij genoot van zijn laatste weken.

Het was een lange nacht geweest. Ze hadden de hele Oudejaarsnacht doorgehaald met andere jongeren. Zoals gebruikelijk in hun streek in de Achterhoek, trokken ze van het ene ouderlijk huis naar het andere en overal dronken ze een glas op het nieuwe jaar en op elkaar. Tegen zeven uur in de ochtend waren ze bij iedereen geweest. "Zal ik met je meelopen naar huis?", vroeg hij haar. Toen wist ze hoe laat het was. Toen was het aan tussen Jan Wevers (20) en Ria te Bokkel (18).

Ze kenden elkaar al van de lagere school en later van de havo in Aalten. Maar ze hadden nooit iets gehad tot die Oudejaarsnacht. Ze zouden elkaar alleen in de weekeinden kunnen zien. Ria moest terug naar haar verpleegstersopleiding in Apeldoorn, Jan moest werken op een varkensfokkerij bij Nijmegen. Daar had hij het niet zo naar zijn zin. In zijn kosthuis kreeg hij de hele week dezelfde soep te eten en op zijn werk deed iedereen of dat een negen-tot-vijfbaan was, ook zijn baas. Dat had hij thuis anders geleerd. Daar werkte je door tot de varkens je niet meer nodig hadden. De beesten bepaalden het leven, niet de klok.

Jan had zijn zinnen gezet op de overname van de boerderij even buiten Aalten die zijn grootvader in 1929 was begonnen. Zijn ouders hadden het bedrijf overgenomen en Jan wilde de derde generatie op de boerderij zijn. Daar voelden zijn ouders aanvankelijk niet voor. Jan was de slimste van hun drie zonen en twee dochters, en hij zou het verder kunnen schoppen. Zijn vader ging met hem een dag naar Dronten om hem te verleiden tot de hogere landbouwschool. Maar Jan vond de middelbare opleiding mooi genoeg. Zijn vader legde zich er bij neer als Jan ook nog een praktijkschool voor de varkenshouderij zou volgen en drie jaar zou werken op een fokbedrijf.

Toen Jan en Ria serieus verkering hadden, was het haar duidelijk. Jan wilde nog steeds de ouderlijke boerderij voortzetten. Hij was een volhouder.

In 1982 vormde hij een maatschap met zijn vader, in 1984 trouwde hij met Ria en ze betrokken een huis in de buurt. In de twaalf jaar dat ze daar woonden kwamen hun drie zonen ter wereld, Emiel, Jasper en Yannic. Toen Jan in de zaak kwam, werd het aantal varkens verdubbeld tot 250. Eerst hadden ze alleen zeugen om de biggen te verkopen, later hielden ze het nageslacht zelf als vleesvarkens.

Terwijl de ene na de andere boer in de omgeving het opgaf, bleef Jan uitbreiden. Hij moest wel, de markt dwong hem te groeien. Op het hoogtepunt in 2008 had hij 2000 varkens.

Het was hard werken, tot 1996 met zijn vader, daarna alleen. Ook al liep het bedrijf goed, hij hield er niet veel geld aan over, of hij leed verlies. Daar kon hij weinig aan doen, hoe hard hij ook werkte. Zaken waar hij geen invloed op had, accepteerde hij. Zijn voldoening haalde hij uit de kwaliteit van zijn werk.

Om luxe gaf hij niet. Als hij een broek nodig had, kocht hij er meteen een paar zodat hij weer tijden vooruit kon. Een tractor had hij niet, ook al was dat iets waarmee boeren graag pronken. Als Ria vroeg of hij mee wilde naar een feest, zei hij: "Waarom zou ik, wie zit er nou op míj te wachten?". Hij zat liever te lezen, in de krant of een boek.
Reizen aan de keukentafel
Verre reizen maakte hij aan de keukentafel: in de atlas en in boeken volgde hij de vakanties van vrienden en familieleden. Soms wist hij meer over een land dan de mensen die er geweest waren.

Hij was geen prater, hij luisterde liever en stelde vragen. Dat deed hij ook met zijn kinderen. Met vragen leidde hij hen tot het inzicht wat de gevolgen konden zijn van hun daden. Verbieden deed hij niet.

Buiten gezin en bedrijf had hij niet veel. In zijn jonge jaren voetbalde hij op zaterdagmiddag. Na de wedstrijd moest hij altijd snel naar huis om de varkens te voeren. De 'derde helft' met een biertje miste hij.

Tussen de bedrijven door ging hij hardlopen. Dan genoot hij van het landschap waar hij zich thuisvoelde, met de boerenpercelen die beschut liggen tussen bosjes en houtwallen. Op een cursus Frans leerde hij een andere hardloper kennen en liet zich overhalen om in groepsverband te gaan lopen. Jan werd een fanatieke renner. Zijn clubgenoten leerden vooral zijn achterkant kennen, want hij liep meestal voorop in zijn karakteristieke huppelpas.

Twee keer had hij te kampen met een falende nier. Twintig jaar geleden gebeurde dat voor het eerst, kort voordat zijn vader zich terugtrok uit het bedrijf. Jan stond een jaar lang op een streng dieet met hoofdzakelijk rijst, daarna onderging hij buikspoelingen. Hij bleef doorwerken. In 1999 was zijn gezondheid zo verslechterd, dat transplantatie noodzakelijk was. Zijn vader stond een nier voor hem af. Jan herstelde snel en voelde zich beter dan hij zich kon kon herinneren; hij had zijn aftakeling niet echt gemerkt.

Hij ging weer hardlopen en deed in 2004 mee aan de marathon van Rotterdam. Zijn tijd was 3 uur, 3 minuten en 49 seconden. Zijn doel was om later dat jaar in Amsterdam binnen de drie uur te blijven. Tot zijn ongenoegen deed hij er 42 seconden langer over.

Inmiddels kreeg zijn bedrijf het moeilijk. Wetten en regels werden steeds strenger. De volle mestputten waren het grootste probleem. De afvoer kostte handenvol geld. Jan was lid geworden van een vereniging die van de mest biogas wilde maken. Maar nu, tien jaar later, is dat nog altijd niet gelukt. De overheid steunde het plan alleen in woorden, vond Jan, in de praktijk mocht er niets. Hij zag dat het op den duur mis zou gaan met zijn bedrijf en hij vond niet erg dat geen van zijn zonen ambitie had om de familietraditie voort te zetten.

Ria was ondertussen een eigen bedrijf begonnen, zorgboerderij 'De Ontmoeting'. Een van de varkens werd in de wei gelaten, en verder was er kleinvee en een moestuin voor de zorgklanten. Op de deel werd een kantine gebouwd, waar ze met slecht weer binnen bezig konden zijn.
Zijn vierde zoon
Jan bemoeide zich er zakelijk niet mee, wel kwam hij graag 's morgens koffie drinken in de kantine. Met de eerste deelnemer had hij een bijzondere band, Albert, een man met het syndroom van Down, die hij als zijn vierde zoon ging zien. Ze hadden plezier als ze samen stront schepten of varkens wasten.

De nierproblemen staken de kop weer op, en deze keer was het Ria die hem in 2008 een nier gaf. Opnieuw ging hij weer snel aan het werk. Met hardlopen moest hij weer van nul af aan beginnen. Vorig jaar liep hij de moeder van de marathons, die van Athene in 3 uur 28 minuten en 24 seconden; hij was negentiende in zijn leeftijdscategorie.

Dit jaar voelde hij zich niet fit. In maart liep hij nog een halve marathon in Venlo, later ging ook dat niet meer. Hij bleek slokdarmkanker te hebben. In juni werd duidelijk dat hij dat niet zou overleven. Zoals altijd legde hij zich neer bij het onvermijdelijke. Hij concentreerde zich op het heden. Hij hield zijn humor. Tegen Ria en de kinderen trok hij een vies gezicht. "Jullie stinken naar varkens", zei hij.

Jan zat op mooie dagen onder de fruitbomen te praten met mensen die afscheid kwamen nemen. Het bezoek was soms terneergeslagen, Jan niet. Ria had wel een briefje op de deur willen plakken met de boodschap 'Doe maar gewoon gezellig hoor'.

Jan genoot van zijn laatste weken. "Als ik had moeten stoppen met het bedrijf en in een rijtjeshuis had moeten wonen, dan was dat veel erger geweest."

Jan Bernard Wevers werd geboren op 18 februari 1959 in Winterswijk. Hij stierf op 14 augustus 2015 in Aalten.

Jan Wevers. Hij was geen prater. Hij luisterde liever en stelde vragen (bron: Dagblad Trouw 31 augustus 2015).

Wanneer ken je iemand?

Jan Wevers

Wanneer ken je iemand…?

Als je lid bent van dezelfde vereniging? En in dezelfde trainingsgroep zit? Op de baan kwam hij me altijd hard voorbij gerend. Vooral zijn rug was mij dus bekend.

Een klein jaar geleden begonnen we samen aan een marathontraining. Mijn eerste. Zijn zoveelste. Met 6 lopers en vrijwel zoveel eega’s samen naar Athene. Voor De Marathon. Geweldig gezellig. Dan leer je elkaar wel beter kennen.

Dan blijkt de bescheiden varkensboer ook een vriendelijke hardloopvriend. Iemand met passie voor zijn vak en sport. Die tevens, samen met zijn vrouw, met veel warmte en aandacht een zorgboerderij runt. Bovendien een gezellige prater, aandachtige luisteraar en enthousiaste motivator. Die kanten kende ik nog niet.

Na de marathon gaat het lopen vaak even naar een lager plan. Je lichaam moet herstellen. En je denkt even na over je volgende uitdaging. Soms een week, soms een maand en soms gewoon nog wat langer. Zo gaat dat. Daar maak je je niet ongerust over.

Een paar maand geleden roept de trainer de groep bij elkaar. Het gaat niet goed met hem. Erg slecht zelfs. Geen kans op genezing. BAM!

Jan, het spijt me dat je er niet meer bent. Ik had je graag veel langer gekend.

Walter Vaags

Aankondiging van de 1e Sommerlauf in Bocholt (D)

De flyer van de Sommerlauf

Aanstaande zondag om 10.00 uur wordt op de Dingder Heide, net achter Bocholt, de 1e Sommerlauf gehouden. Het is een wedstrijd van 10 kilometer voor twee lopers, die samen als een team lopen. Beide lopers blijven dus tot aan de finish bij elkaar.De deelname van deze door Bjorn Weier georganiseerde wedstrijd is gratis. De start is op de hoek van de Weseler Landweg en Beltingshof.

Klik voor meer informatie op de volgende link


donderdag 13 augustus 2015

Column: Erwin’s zin en onzin - deel 94

Eric Demkes: “Doelen stellen, dat is toch het belangrijkste.”
Doelloos!

(Typisch gevalletje van: ‘dit moet een grap zijn’)
Vlak voordat ik onderstaand stuk bij Geert op de post doe, kom ik aan de praat met Eric Demkes. We hebben het nog geen drie seconden over hardlopen en hij zegt: “Doelen stellen, dat is toch het belangrijkste.” Bedankt Eric……

De ‘hardloper’ die ik spreek weet precies wat die wil. De één wil bij de Kramp Run zijn PR fors aanscherpen, de ander wil de Montferland Run voor het eerst onder het uur lopen en weer een ander heeft een volledig uitgestippelde ‘road to Rotterdam’.  Alle lopers in mijn omgeving hebben een doel. Ik niet. Ik doe maar wat. Af een toe een vijf kilometer, dan weer een 600 metertje en als het even kan wil ik ook nog ergens een meerkampje meepikken.

Het is eigenlijk altijd hetzelfde. In al die dertien jaar dat ik aan atletiek doe is er één ding dat overeen komt: ik pruts maar wat aan. Niet dat ik daar doodongelukkig van word, maar het schiet ook niet echt op. Mijn records staan gevoelsmatig al een eeuwigheid en mijn manier van trainen laat ook te wensen over. Wordt het voor mij nu ook tijd om doelen te stellen? Ik ben bang dat ik er niet aan ontkom.

Maar goed, eerst maar eens kijken waar mijn interesses liggen. Hoog- ver- en hink-stap-springen blijven mooie onderdeel. Toch denk ik dat daar de meeste rek wel uit is. Plus het feit dat mijn hamstrings de laatste jaren ernstig tegen beginnen te stribbelen. Door deze springnummers gaat dus een dikke streep. Sprinten misschien? Nee, weer die verrekte hamstrings die roet in het eten gooien. Daarnaast spreekt het ‘machocultjuurtje’ mij totaal niet aan. En er is nóg een kleinigheidje: ik ben zo traag als dikke stront in een trechter. Alle werponderdelen kunnen we ook van de lijst schrappen, reden: desinteresse.

Oké, de atletiekonderdelen en de sprint laat ik links liggen. De marathon dan? Dit is in mijn ogen het absolute summum! 42 kilometer lang het gevecht tegen jezelf en de elementen. Prachtig. Maar die ellendig lange eenzame duurlopen van 27 of 33 kilometer houden me tegen. De halve marathon is ook grandioos, maar de halve van Amsterdam en Venlo zitten al vol. En laat ik nu eerlijk zijn, in Doetinchem staan drie man en twee verdwaalde koeien langs het parcours, dit is mij gewoon te min. Iemand met mijn staat van dienst verdient een groter publiek. Dan heb je in januari ook nog de halve van Egmond, maar dan is het veel te koud. Een 800 of 1500 meter misschien? Dit zijn –op papier – geweldige afstanden, echter verdraag ik de verzuring niet. Verzuren doet pijn en daar houd ik niet van. Dan heb je nog die twee ‘twijfel-afstanden’; de 5 en 10 kilometer. Die afstanden raken ook kant nog wal. “Niet te langzaam beginnen, maar ook zeker niet te snel”.” Zorg dat je wel iets overhoudt voor het laatste stuk.” Veel te veel gedoe als je het mij vraagt. 

Zoals je ziet wordt het mij ook niet makkelijk gemaakt. Ik heb na deze intensieve inventarisatie alleen nog maar meer respect voor mensen met doelen als de Marathon van Berlijn of Rotterdam. Voor mezelf kan ik eigenlijk maar één conclusie trekken: gewoon blijven aankloten en misschien – als ik later groot ben – ligt er ook iets moois voor mij in het verschiet.